Avadhuta-teachings (5)
Satsang Himalaya.jpg

Shine on you crazy diamond...

Aanwezige: “Je hebt het vaak over verkeren op de rand en over balanceren op het scherp van de snede… Je hebt wel eens gezegd dat een Jnani zijn leerlingen oppikt aan de rand van de maatschappij en de ‘spirituele marktplaats’ en dat de Avadhuta zich richt op degene die de spirituele marktplaats’ al hebben verlaten en reeds in ‘het voorgebergte’ zijn getrokken… Kun je hier iets meer over uitweiden?”

Randolph: “Oké, ik geef je het hele spectrum van mijn traditie wel even weer… De Jnani met zijn teachings leidt je door het landschap van ‘de twilight’. De jnani pikt je op aan de rand van de marktplaats en laat je de spirituele valkuilen zien. Hij leidt je door de grijze nevels, mistbanken en donkere wolken. Hij loodst je langs de spirituele valkuilen en hij laat het primaire licht (van Gewaarzijn) centraal staan, je ont-dekt Alaya (het Stille centrum van de cycloon) en stabiliseert erin… Wanneer de teachings van de Jnani echt aankomen, verkeer je in ‘het niemandsland’. Je hebt de afwezigheid van ‘ik’, van iemand, gerealiseerd. Na de Jnani neemt de Avadhuta het over…

De Avadhuta met zijn teachings leidt je door het ‘niemandsland’ naar het landschap van het Schitterende… Omdat je de illusie van een ‘identiteit’ en ‘entiteit’ hebt afgelegd, is je zwaartepunt wis en waarachtig naar Ruimtelijkheid verhuisd. Na deze zwaartepuntverhuizing vervolg je je reis enkel nog als ‘gekleurde’ ruimtelijkheid. Je bent een ruimtelijk Wezen. Als ruimtelijk Wezen trek je samen met de Avadhuta het middengebergte door en legt je kleuringen af. De laatste ruimtelijke kleuringen vatten wij samen met de hogere mayakosha’s (illusoire versluiering). Na Jnanamayakosha en Anandamayakosha, verschuift je zwaartepunt naar het naakte en pure Shivamayakosha (puur Zijn, naakt Gewaarzijn, ongekleurde ‘Ik-ben’-heid).”

“De volle Maan staat daar hoog aan de Hemel en wordt gereflecteerd in het water. Maar je hebt nog nooit werkelijk de volle Maan gezien: de Naakte Maan, het Oorspronkelijke Gezicht. Je hebt nog nooit voorbij de mind gekeken. Tot nu toe kon je nooit rechtstreeks en ongefilterd kijken. Je hebt altijd naar de reflectie van de maan in ‘jouw water’ gekeken, in jouw gedachten, in jouw gevoelens en sensaties. Tot nu toe heb je om waar te nemen, alleen maar het water gebruikt. Je hebt totaal over het hoofd gezien dat er een alternatief is. Dat is de reden waarom Oude Cheng zegt dat alles wat je kent maya is, pure illusie. Tot nu toe keek je naar de maan in het water, naar een reflectie en je dacht dat het de werkelijke Maan in de Hemel was…”

~ Uit Meester Cheng, Vingerwijzingen voorbij de Zon en de Hemel. Deel II: Vrijheid voorbij verlichting.

Randolph: “De Avadhuta leidt je door de laatste witte wolken heen. Every cloud has a silver lining…  Hij laat je boven het zilveren wolkendek zien hoe de straalblauwe hemel met het Schitterende samenvalt. Jnana-Alaya… gaat hier over in Hima-laya. Dit is een mijlpaal in je realisatie-tocht. Hier ont-dekt je meer en meer de openbaring van de Schitterende Hima-laya

Nisargadatta Maharaj: “Nisargadatta Maharaj: “Wanneer je je niet meer identificeert met lichaam-denken-voelen, ben je het gemanifesteerde beginsel, de Zijnstoestand. Je bent dan geen persoonlijkheid meer, maar uitsluitend bewustzijn. Wanneer je in die staat van bewustzijn bent, ben je in een positie om de gedachtestroom te observeren; je observeert alle gedachten die zich aandienen - jij staat buiten die gedachten. Je identificeert je er niet mee. En omdat je het lichaam en zijn handelingen observeert, maak jij daar geen deel van uit; je staat los van het lichaam. Dan ben je in bewustzijn: dat is het eerste stadium.

Wanneer je uitsluitend bewustzijn bent, ben je het hele gemanifesteerde bestaan. Dát moet gerealiseerd worden. Dan, ervan uitgaande dat je bent, is alles er: je wereld en je God. Jij bent de eerste oorzaak, de eerste vereiste voor al het andere dat bestaat, of het nu je God of je wereld betreft. Jij verwijlt in bewustzijn. In je aandacht zou alleen bewustzijn moeten zijn. Dat is meditatie.

Verblijf in ‘ik ben’ en de bron van alle kennis welt in je op en openbaart het mysterie van het heelal. Tijdens dat openbaringsproces zal je individuele persoonlijkheid, die beperkt is tot je lichaam, zich verruimen tot het gemanifesteerde universum. Je zult je realiseren dat jij het universum met jouw ‘lichaam’ doordringt en omarmt. Dat staat bekend als ‘Zuivere Hoogste Kennis’.

Ondanks alles weigert de geest, zelfs in de schitterende zuivere staat, te geloven dat hij geen entiteit is.

Nu de volgende stap. Ben je in een positie om bewustzijn te observeren? Dat is ook de laatste stap. Wanneer je in een positie bent om bewustzijn te observeren of er getuige van te zijn - en uiteraard ook van de levenskracht (de adem), het lichaam en zijn handelingen - dan sta je, dankzij die observatie, buiten dat bewustzijn.

Nu komen we tot een zeer subtiel punt. Wat is er in jou dat die kennis dat 'je bent' - of van jouw standpunt bekeken ‘ik ben’ - begrijpt, zonder dat er een naam, een benoeming of een woord bij hoort? Nestel je in dat meest innerlijke centrum en neem de kennis ‘ik ben’ waar en ‘wees alleen maar’. Dat is de ‘gelukzaligheid van zijn’… Die staat is van een extatische schoonheid – het lagere zelf ontspant zich gelukzalig in het hogere Zelf. Die extase gaat alle woorden te boven. Het is ook Gewaarzijn in volledige rust.”

Vraagsteller aan Maharaj: “Mijn geest is rustig, maar aandachtig. Ik kijk naar dit ‘ik ben’.”

Maharaj: “Je bent tot het stadium van ‘ik ben’ gekomen, maar je moet je bestemming nog bereiken. Dat kan alleen wanneer aandacht in aandacht opgaat. Als ze zichzelf had verzwolgen, zou je hier niet zijn gekomen.”

Vraagsteller aan Maharaj: “O, ik begrijp nu dat ik mijn aandacht had moeten ‘uitkauwen’.”

Maharaj: “Ja. Je bent vastgelopen in het stadium van aandacht. Aandacht moet helemaal verteerd worden. Je spreekt nu vanuit de kennis ‘ik ben’, die tijdgebonden en tijdelijk is.”

Randolph: “De Jivanmukta met zijn teachings leidt je van het zilverblauwe naar het diepblauwe landschap van het hooggebergte. Je verlaat het middelgebergte en trekt via het gebied van de vasana’s door ‘je ziel en zaligheid’. Je menselijke blik verandert in ‘een hemelse blik’. De mate waarin iemand is gecentreerd en gestabiliseerd in de Beingness, bepaald hoe diep iemand in zichzelf schouwt. Hier gaat satsang van nature over in darshan. Meer en meer kijk je door de ‘Ik-ben’-heid de oneindigheid in. Vervolgens word je via de kosmische samadhische diepblauwe donkerte heen tot in het zwart geleid. Via darshan neemt je schittering alsmaar toe. Met je stralende ogen doorgrond je de illusie van de ‘Ik-ben’-heid en kijkt rechtstreeks de eindeloosheid in waar de explosie van het Oneindig en ononderbroken Stralende heerst. Een mooie beschrijving van het Schitterende en haar uitwerking wordt in het volgende stuk tekst uit het boek ‘De weg der witte wolken’ beschreven:

“En toen geschiedde het grote wonder -  een wonder dat zich keer op keer herhaalde en mij iedere keer opnieuw in verrukking bracht als ik Tibet doorkruiste: op het hoogste punt van de pas losten de wolken, die in enorme massa’s donker en dreigend de bergwanden bestormden, zich als door magie in het niets op, de poorten van de hemel openden zich en er ontrolde zich een wereld van schitterende kleuren onder een diepblauwe hemel voor onze ogen, terwijl een felle zon de sneeuwbedekte hellingen aan de overzijde van de pas zo sterk in lichterlaaie zette, dat je er haast door werd verblind.
Na de door wolken en mist verhulde panorama’s van Sikkim waren wij haast niet meer in staat zoveel licht en kleur in ons op te nemen. Zelfs de diepe kleuren in de schaduw schenen licht uit te stralen en de eenzame witte zomerwolken, die sereen in de fluweelzachte donkerblauwe hemel dreven tussen de verafliggende purper geverfde bergketens, verhoogden en versterkten alleen maar de indruk van de immense diepte van de hemel en de intensiteit van de kleuren. Toen, op dat ogenblik waarop ik voor de eerste maal een blik sloeg op het geheiligde landschap van Tibet, wist ik dat ik van nu af aan de Weg van de Witte Wolken die in dit betoverende land van mijn Goeroe leidde, zou volgen, om meer van de wijsheid van Tibet te leren en in de onnoembare vrede en schoonheid van haar natuur inspiratie te vinden. Ik wist dat ik van nu af aan steeds opnieuw door dit schitterende land zou worden aangetrokken en ik mijn leven zou wijden aan de exploratie ervan…
Zoals al menig pelgrim voor mij, wandelde ik plechtig rondom de feestelijk met gebedsvlaggen versierde steenhoop (lhatse) die het hoogste punt van de pas en de Tibetaanse grens markeerde en voegde er een steen aan toe onder het reciteren van de mantra van de Goeroe, als een teken van dankbaarheid dat ik veilig hierheen was geleid. Maar ook als een belofte, dat ik het pad voortaan zou blijven volgen dat ik nu had gekozen en als een zegen voor alle pelgrims en reizigers die na mij dit punt zouden passeren. En toen welden in mijn geest de woorden van een Chinese stanza op, die aan Maitreya, de toekomstige Boeddha, worden toegeschreven toen hij als een zwervende monnik over de wereld zwierf: ‘Eenzaam trek ik duizend mijlen… en vraag mijn weg aan de witte wolken’. De gehele dalende weg naar de Choembi Vallei was ik vol van geluk. Al spoedig maakte de sneeuw plaats voor bloemtapijten en de door stormen gebeukte en armzalige dennen werden opgevolgd door schitterende naaldwouden vol vogels en vlinders die fladderend hun weg zochten in de zonnige heldere atmosfeer. De lucht voelde zo onaards ijl en vrolijk aan, dat ik nauwelijks mijn vreugde voor mij kon houden, hoewel ik mij ervan bewust was dat ik spoedig terug zou moeten keren naar de sombere schaduw-wereld aan de andere zijde van de pas en weer zou moeten afdalen door de stomende tropische jungles. Maar ik was er zeker van dat ik vroeg of laat weer in staat zou zijn om de weg van de witte wolken tot voorbij mijn huidige horizon te volgen, waarop de witte piramide van de heilige berg, de Chomolhari, de troon van de godin Dorjé Phagmo, mij uitnodigend scheen te wenken. En, door omstandigheden van de onwaarschijnlijkste soort, - die ik, nu ik erop terug kijk, alleen maar kan verstaan als het effect van een geleidende kracht, zowel in mijn innerlijk als in die mensen die een rol speelden bij het opruimen van de op mijn weg liggende hindernissen - bevond ik mij al spoedig inderdaad weer op het karavaanpad dat naar de onbekende streken achter de Himalaya’s voerde.”


~ uit het boek ‘De weg der witte wolken’.

Aanwezige: “Kun je wat je net beschreven hebt, ook nog anders zeggen?”

Randolph: “Ja, in de Advaita Vedanta spreken we graag in termen van ‘identiteit’. In plaats van ‘de spirituele marktplaats’, ‘het voorgebergte’, ‘middengebergte’ en ‘hooggebergte’, kun je ook spreken van type leerlingen. Met name Osho en Alexander Smit hanteren de indeling in type leerlingen. In ‘het Directe Pad’ geeft Alexander hier een hele goede omschrijving van…

Alexander Smit: “Bij het zoeken naar zelfrealisatie is er binnen de klassieke traditie altijd sprake van drie stadia van ontwikkeling. Het eerste stadium wordt kutuhal genoemd, het tweede stadium jigyasa en het derde stadium mumuksha. Grofweg gesproken deelt de leermeester elke leerling intuïtief in een van die drie stadia in. Het eerste type leerling is de kutuhal. Je zou dit type kunnen omschrijven als iemand met interesse. Hij is nieuwsgierig, maar zijn interesse is oppervlakkig en vooral zonder richting. Te vergelijken met een kind dat dan weer in dit, dan weer in dat geïnteresseerd is... Dit type is nieuwsgierig, wil best overal wat van weten, maar niets echt doen. Zodra er iets consistents wordt verwacht, of zelfs maar op weg naar iets anders. Ten slotte loopt het allemaal op niets uit. Ze bereiken niets. De meeste zoekers zijn in het begin in dit stadium.

Randolph: “Dit type is het type dat in satsang van de zijlijn zit te kijken. Ze surfen ook meestal van de ene leermeester naar de andere en kijken alsmaar naar die satsang filmpjes op Youtube. Het zijn de satsang-toeristen en satsang-shoppers van deze New Age tijd..”

Alexander Smit: “Het tweede type wordt jigyasa genoemd. Dat is het type dat verzamelt. Dit type leerling is veel serieuzer dan het eerste type, maar heeft een heel andere dynamiek. Zijn dynamiek is verzamelen, zoveel mogelijk verzamelen. Hij koopt alle boeken die er maar te vinden zijn, beluister alle cassettes, ziet alle video’s die beschikbaar zijn op de spirituele markt en heeft een abonnement op alle spirituele bladen en pluist ze uit tot hij alles op een rijtje heeft. Zijn zwaartepunt ligt in onderzoeken en verzamelen. Hij bereidt zich voor en goed ook. Hij komt beslagen ten ijs, het is een genoegen zo iemand op bezoek te krijgen en hij maakt een zeer verstandige indruk. Maar er is een probleem. Dit type bereikt uiteindelijk ook niets, want hij komt niet toe aan dat waar het werkelijk om gaat. Ook hij gaat precies op het moment dat er iets consistents van hem verwacht wordt aan de wandel. Meestal heeft hij een hekel aan groepen en wil vooral nergens bij horen, hoewel het zijn diepste verlangen is ergens helemaal bij te horen. Als hem gevraagd wordt zich helemaal in te zetten, gaat hij het bestuderen en zich voorbereiden, maar hij komt nooit werkelijk tot iets. Meditatie blijft iets onbekends voor hem. Hij ‘weet’ wellicht alles over meditatie, maar zelf mediteert hij niet. Hij maakt altijd plannen eraan te beginnen. Over het algemeen neemt dit type de benen wanneer hij op iets stuit dat niet overeenstemt met wat hij bestudeerd of gelezen heeft. Hij zit gevangen in zijn eigen ideeën en zijn gevangenis is best uit te houden. Er gaat zelfs een zekere behaaglijkheid van uit. Want veel weten over iets geeft een bepaald gevoel van zekerheid. Uiteindelijk schrijft dit type zoeker een of misschien wel tien boeken en zijn hoogste doel is een encyclopedie waarin alles staat, maar waar natuurlijk niets wezenlijks in te vinden is. Het staat op papier en het blijft op papier. Het behoort tot het domein van de boekenkast. De enige mensen die enig nut hebben van dit type leerling zijn de boekwinkel en de papierhandel.

Dan is er het derde type en dat type wordt mumuksha genoemd. Het woord mumuksha is moeilijk uit te leggen. Uiteindelijk betekent het ‘iemand die ernaar verlangt zonder verlangens te zijn’. Dit is iemand die bevrijding wil, maar dan wel de bevrijding in de ware betekenis van het woord. Voor hem is onderzoek niet langer genoeg. Eigenlijk verveelt het hem. Verzamelen heeft alle charme verloren. Vraag hem een boek te leen en tot je verrassing zal hij zeggen: “Neem maar mee. Je mag het hebben. Ik heb er niets meer aan. Weet je wat, neem alles maar mee, misschien heb jij er wat aan; voor mij hebben boeken hun charme en hun waarde verloren. Het zijn alleen nog maar letters en woorden.” Dit type is gevoelig voor een leermeester, omdat een leermeester niet is terug te voeren tot woorden en boeken. De leermeester is een directe ervaring en dat is precies wat deze leerling zoekt. Hij heeft grote mogelijkheden, maar ook hier liggen weer allerlei complicaties en ingewikkeldheden op de loer. In de klassieke traditie wordt dit laatste type onderverdeeld in drie stadia. Het is een klassieke onderverdeling die door alle belangrijke goeroes en leermeesters gehanteerd werd.

Het eerste stadium wordt mridu genoemd. Het bestaat eruit dat je een belangrijk deel van je wezen inzet om je doel, zelfrealisatie te bereiken. Naast werk, hobby’s en gezin ben je met spiritualiteit in de weer om bevrijding te bereiken. Je zult op die manier zeker iets bereiken, maar het resultaat heeft eerder een afbrekende, negatieve waarde, omdat hetgeen je bereikt noch positief noch negatief is. Het lijkt op balans en harmonie, maar het heeft meer weg van een zombietoestand. Je bent niet gespannen, maar ook niet ontspannen; niet levendig, maar ook niet sloom; niet ziek en niet gezond; niet gefrustreerd, maar ook niet vervuld. Het is afbrekend, want je staat er eigenlijk slechter voor dan voorheen. Vroeger sloeg je door naar één kant van de zaak en daardoor kon er nog iets gebeuren, maar nu functioneer je eigenlijk tussen twee dingen in. Je bent als een boom die niet gaat bloeien. Je hebt wel iets bereikt, daar bestaat geen twijfel over, maar wat je bereikt hebt, is in wezen levenloos. Het vervult je niet, je bent levend dood. Je bent niet agressief, maar ook niet liefdevol. Je wordt niet boos, want je kunt je nu goed beheersen, maar je bent ook niet in staat tot compassie; je zit gewoon vast. Je bent onbeweeglijk en star geworden. Als een steen. Je bent ‘stoned’ van spiritualiteit. Besef goed het verschil tussen onverschilligheid en verlichting. Verlichting is niet een eigenaardig soort onverschilligheid. Niets is meer moordend dan onverschilligheid. Omdat je een balans hebt gevonden en die in stand wilt houden, kun je geen van de twee kanten op. Toen je nog goed kwaad kon worden, was je eigenlijk eerlijker. Toen je nog echt kon voelen, was je in staat te vergeven, maar nu zit je tussen twee krachten in. Ze noemen dit het eerste stadium, omdat je slechts één derde van je wezen geeft. Je zet slechts één derde van je wezen in. De popzanger Paul Simon heeft ooit het lied geschreven I am a rock. In de tekst
wordt dit mridu-type heel precies beschreven: I am a rock/I am an island/And a rock feels no pain/And an island never cries. Dit eerste stadium wordt dus mridu genoemd; het betekent zacht, slap, soft. Ik noem het ook wel eens new age.

In het tweede stadium is er al veel meer inzet dan in het eerste stadium dat je hebt doorlopen en losgelaten. Hier zet je veel meer in, maar je bent nog niet totaal en integer. Dit stadium wordt madhya genoemd. Het betekent in het midden. In dit stadium ben je sereen en rustig. De mensen om je heen zullen het voelen en opmerken. Je trekt mensen aan, iedereen wil graag bij je zijn. Je bent als een magneet. Dit is het stadium waarin mensen cursussen gaan geven en gaan schrijven, andere mensen gaan helpen en onderrichten en vaak heel succesvol. Wat ze vorige maand zelf geleerd en ervaren hebben, wordt direct doorgegeven aan de leerlingen. Maar onderricht geven en delen en stil en sereen zijn, is niet genoeg. Misschien is het genoeg voor de mensen om je heen, maar voor jezelf is het niet voldoende; het is zelfs ruime onvoldoende, want het madhya-type is niet vervuld. Niet echt. Bovendien ontstaat er een soort stijfheid, het stroomt niet echt. Het is te vergelijken met stilstaand water. Dans, muziek, de profane wereld, kindergelach - het is allemaal niet welkom, want eigenlijk is het te lawaaierig, het kan de vrede verstoren. Kortom, het is gewoon niet totaal. Je bent wel vervullend voor je omgeving, maar zelf ben je niet vervuld. Het is eigenlijk heel sneu, want nu sta je op een nieuw kruispunt, namelijk op het kruispunt van totaal eerlijk en oprecht zijn, of niet. Wanneer je nu blijft vastzitten in leugens en zelfbedrog ben je levend dood. Er liggen twee wegen voor je open: totaal zijn en jezelf werkelijk onder ogen zien, of overgave aan werkelijkheid. Beide zullen effectief zijn en schoonheid, kracht en liefde opleveren. Onthoud dat wanneer je totaal bent, je tegelijkertijd echt, krachtig, liefdevol en vol schoonheid bent. Schoonheid, kracht en liefde zijn kwaliteiten die ontstaan wanneer je totaal bent. Als je niets meer achterhoudt, ontstaan schoonheid, kracht en liefde. Niets meer achterhouden is totaliteit.

Het derde en laatste stadium wordt adhimatrka genoemd. In dit stadium gaat het om de totale inzet. Het is nu totaal zijn of overgave. In de totale inzet verdwijn je en ben je onmiddellijk schoonheid, kracht en liefde. Begrijp goed dat die totaliteit of die overgave niet gecultiveerd kan worden. Het is alles of niets. In de twee voorafgaande fasen kon je nog cultiveren en werken aan jezelf en vooruitgang boeken, maar nu is het alles of niets. Iedere zoeker komt op dat kruispunt terecht van totaal zijn, of overgave. Ieder mens zal voor zichzelf dit kruispunt moeten oversteken.”

                                                                         - uit het Directe Pad, Alexander Smit

Randolph: “De Avadhuta-teachings van mij traditie zijn met name voor mensen in dit laatste adhimatrka-stadium. Adhi… eerste, matrika… moedergeluid, voortbrenging en ontvankelijkheid. Adhimatrka of Adhimatrika is het type leerling dat ontvankelijk is voor het Eerste gegeven. In de yoga van het Licht zijn dit de Eerste gegeven-teachings, de adhi-teachings. Wat is het Eerste Gegeven ook al weer? Het Eerste Gegeven is ‘ik-ben’. Dit zijn de ‘ik-ben’-heid-teachings die het bestaan aan zichzelf geeft. Vandaar ook de naam adhimatrika… eerste… openbaringen, baarmoederlijke openstelling, Goddelijke overdracht…"

Aanwezige: “Verleden week speelde je in de satsang (de dag dat je leermeester Alexander Smit twintig jaar geleden dit bestaan verliet) het liedje ‘the water is wide’ waarbij hij zichzelf begeleidde met zijn gitaar… Ik vond het prachtig en vooral ook de tekst. De tekst was een goede samenvatting van je vorige Avadhuta (4) blogbericht over onze Avadhuta-traditie… Dat zou je ook ‘the river is wide’ kunnen noemen… Wil je het nog eens afspelen… ik heb hier de tekst…”

“The water is wide, I can’t cross over,
and neither have I wings to fly.
Build me a boat, that can carry two,
and both shall row, my love and I.
There is a ship, and she sails the sea,
she’s loaded deep, as deep can be.
But not so deep, as the love I’m in,
I know not how I sink or swim.
Oh love is handsome, and love is fine,
the sweetest flower, when first it’s new.
But love grows old, and waxes cold,
and fades away like Summer dew.
Build me a boat, that can carry two,
and both shall row, my love and I,
And both shall row, my love and I…”

                                                                               ~ Songwriter: James Taylor

Randolph: “Ja prachtig hé. Met name ‘Build me a boat, that can carry two,
and both shall row, my love and I.’
Dit is precies wat ik in dit leven met mijn satsangs en transmissie-boeken doe. Een boot bouwen, waarmee iedereen de oversteek kan maken. Niemand wordt in de steek gelaten. In India zeggen we:
 ‘We’re all just helping each other home...’. Ik vier met jullie onze goddelijke erfenis. Welkom in the transmission of Heart & Space!”

Aanwezige: “Hoe krijg ik dan deze adhimatrka-teachings?”

Randolph: “Grappig… Je zegt… ‘hoe krijg ik’… Je kunt deze hoogste teaching slechts ontvangen als je ‘uit het krijgen’ bent geëxpandeerd. Je bent dan met recht een ‘Krijger’. Een Krijger is geen bedelaar, hij viert zijn Goddelijke erfenis. De Bevrijding is niet ‘voor jezelf’, maar ‘van jezelf’. Wil Adhimatrika naar je toekomen, dan moet je een Adhimatrika zijn. Je krijgt van waaruit je vertrekt. Wil Adhimatrika naar je toekomen, dan moet je reeds in je oorspronkelijkheid (oerspronkelijkheid) verkeren. Je moet dan niet meer oneerlijk en dubbelzinnig zijn. In plaats van dat je nog opereert vanuit je maskerade (per sonare, persoonlijkheid) kijk je vanuit je oorspronkelijke gezicht. Compassievol is het geïnteresseerd om anderen te dienen en te helpen. De Bevrijding is for the greater good of mankind. ‘We’re all just helping each other home... Het oorspronkelijk gezicht is geen vragend gezicht, maar een schitterend en stralend gezicht. Het geeft licht. Het oorspronkelijke gezicht schittert en verlicht zijn eigen weg. Shine on baby, you crazy diamond.”

(Wordt vervolgd)

Randolph: “Wanneer je klaar bent voor het grote realisatie avontuur, zoek je een traditie en een gids die bekend is met de ongerepte toppen, de spelonken en de eeuwenoude wegen...”

Copyright 2018, Opensatsang, Satyasatsang.nl, Satsang.earth, Randolph, Avadhuta-blog, ©
 

 

Vanavond in Open satsang met Randolph: Let her (it) Go!

Let her Go

Well you only need the light when it's burning low
Only miss the sun when it starts to snow
Only know you love her when you let her go
Only know you've been high when you're feeling low
Only hate the road when you're missing home
Only know you love her when you let her go
And you let her go

Staring at the bottom of your glass
Hoping one day you'll make a dream last
But dreams come slow and they go so fast
You see her when you close your eyes
Maybe one day you'll understand why
Everything you touch surely dies

'Cause you only need the light when it's burning low
Only miss the sun when it starts to snow
Only know you love her when you let her go
Only know you've been high when you're feeling low
Only hate the road when you're missing home
Only know you love her when you let her go

Staring at the ceiling in the dark
Same old empty feeling in your heart
Love comes slow and it goes so fast
Well you see her when you fall asleep
But never to touch and never to keep
'Cause you loved her too much and you dive too deep

'Cause you only need the light when it's burning low
Only miss the sun when it starts to snow
Only know you love her when you let her go
Only know you've been high when you're feeling low
Only hate the road when you're missing home
Only know you love her when you let her go
And you let her go
Oh oh oh no
And you let her go
Oh oh oh no
And you let her go

Well, you only need the light when it's burning low
Only miss the sun when it starts to snow
Only know you love her when you let her go
Only know you've been high when you're feeling low
Only hate the road when you're missing home
Only know you love her when you let her go

'Cause you only need the light when it's burning low
Only miss the sun when it starts to snow
Only know you love her when you let her go
Only know you've been high when you're feeling low
Only hate the road when you're missing home
Only know you love her when you let her go
And you let her go

Songwriters: Michael David Rosenberg

Songteksten voor Let Her Go © Sony/ATV Music Publishing LLC

Alexander Smit, Thank you infinitely!
alexander 96 2.jpg

Alexander Smit heeft vandaag twintig jaar geleden dit leven verlaten... 
Ter viering van wat hij heeft doorgegeven, spelen we vanavond in Open satsang Alexander zijn versie van 'the water is wide',  van James Taylor. Als ik zelf zou kunnen zingen dan zou dit mijn hart-lied aan hem zijn...

In Liefde, 
Randolph

                                    

Avadhuta teachings (4)

River of freedom, Ocean of peace…

Aanwezige: “Ik hoor je vaak vertellen over ‘vervoering’. Kun je nog iets meer over het vervoerende van het Avadhuta-pad vertellen?”

Randolph: “Een levende traditie zou je kunnen vergelijken met een levensrivier. We noemen een lineage niet voor niets ook wel ‘een stroming’. Wanneer onze levensstroom je levenspad kruist, hoef je in wezen enkel de uitnodiging te accepteren en je door de levensstroom te laten meenemen. De traditionele levensrivier van mijn traditie noemen we het Directe Pad. Wanneer je onze uitnodiging accepteert hoef je in wezen enkel in de directe levensstroom te springen. De meeste mensen blijven dit hun hele leven uitstellen. Ik ben zo dankbaar dat mijn oude leermeester me voor het blok zette en uitstraalde ‘dat ik het er op moest wagen’, waar na ik na drie jaar uitstellen in de kracht van mijn leven ‘in het diepe ben gesprongen’. Op het Directe Pad verlaat je onmiddellijk alle indirecte benaderingen. Niet na drie jaar, niet morgen, niet vandaag, maar nu. Nu is de enige optie. Het levende water in de rivier staat voor Directheid. De oevers bestaan uit indirectheid. De traditionele schitterende levensstroom vervoert je vanZelf naar de Grote Stralende Oceaan. Je laat je vervoeren door de universele (onpersoonlijke) levenskracht en leeft niet meer tegen (het persoonlijke) beter weten in.”

Aanwezige: “Het dringt nu plotseling tot me door dat in het citaat van Nisargadatta uit het eerste Avadhuta-blogbericht hetzelfde staat… Onder het kopje ‘epiloog’ aan het einde van een van zijn boeken geeft hij deze samenvatting van de kern van zijn onderricht...”

Nisargadatta Maharaj: “De kern van mijn onderricht is als volgt. Wees niet oneerlijk ten aanzien van je levenskracht. Wees alleen daaraan toegewijd. Voel je daarin thuis. Accepteer haar als jezelf. En als je op die manier toegewijd bent, kan dat je ergens naartoe leiden, naar alle hoogten. Dit is de zuiverste essentie van mijn woorden. Identificeer je nu met de levenskracht.”

Je spreek in plaats van levenskracht ook veel over ‘het Schitterende’ en ‘het Zilveren’. Kun je nog iets meer over het Schitterende en het Zilveren van de levensstroom zeggen?”

Randolph: “Ja, natuurlijk. Maar laat ik je eerst over het principe van de taal die in mijn overdracht een rol speelt iets uitleggen. Door het aanleren van taal verliezen wij in eerste instantie een groot deel van ons waarnemingsvermogen. Een mens gaat al snel geloven dat iets niet bestaat als het niet verwoord kan worden en dat woorden ‘waarheid’ kunnen bevatten. Op zich zijn de voordelen van taal duidelijk. Onze taal is ooit ontwikkeld om algemene globale indrukken en zaken door te geven via woorden en concepten. Het maakte ooit het handeldrijven een stuk makkelijker. Zonder taal moet ‘het wiel telkens opnieuw worden uitgevonden’ en zou iedere nieuwe generatie dezelfde fouten maken. Maar taal is een representatie van een ervaring, niet de ervaring zelf. Taal is een voorstelling. Wanneer je bijvoorbeeld ooit een sappige perzik hebt geproefd, laat het woord sappige perzik je misschien al het water in de mond lopen. Wanneer je nooit een sappige perzik hebt geproefd, en ik je dit via taal moet gaan uitleggen, gaat er iets mis. Je mist de ervaring, en taal (de representatie) kan nooit een substituut zijn voor de actuele ervaring. En het ging tot nu toe nog over een sappige perzik, laat staat wanneer het zoals hier over Zelfrealisatie gaat. Er bestaat ook een andere manier van communicatie, in mijn traditie noemen we deze communicatie ‘transmissie’. Je zou het ook ‘een direct uitgezonden overdracht’ kunnen noemen in de vorm van elektromagnetische energie, hartvibratie of Licht. Wij noemen dit derhalve ‘de taal van het Licht’. Maar voordat ik je deze taal van het Licht kan overbrengen, maak ik eerst gebruik van overbruggingstaal. Het eerste waar je aan zal moeten wennen is dat ik veel niet bestaande woorden gebruik. Enerzijds om je uit de sleur van je conditionering te halen en om de macht der gewoonte te doorbreken, anderzijds omdat onze uitwisselingstaal veel vloeiender dient te worden dan onze gebruikelijke westerse taal. Het kan zijn dat je er misschien even aan moet wennen dat ik aan onze taal allerlei woorden toevoeg of ze juist uit elkaar zet en ik allerlei nieuwe woorden initieer en construeer. Voor taalcritici en schriftgeleerden zal ik de taal ongetwijfeld ‘verkeerd’, ‘onlogisch’ en inconsistent gebruiken, maar je wilt doorgave, geen logica of correctheid. In het Westen heeft men nog niet echt een taal ontwikkeld voor de subtiele gebieden van bewustzijn. Omdat men in India, Pakistan, Nepal en Tibet, het land van de eeuwige sneeuw, al duizenden jaren ervaring heeft met de fijnstoffelijke gebieden, kent de veel oudere taal van het Sanskriet veel meer nuances en subtiele aanduidingen voor de fijnstoffelijke gebieden. Sanskriet is bijzonder plooibaar en speels. In het Oosten hebben ze niet een rigide ‘Waarheid - Niet-waarheid’ paradigma. In het Oosten hanteren ze de realiteit via ‘of iets transformerend werkt of niet’. Oorspronkelijk is Sanskriet dus een relatieve, creatieve en transformerende taal die met name is gebaseerd op vibratie en frequentie. Wanneer ik dit in Westerse termen probeer aan te duiden zou je kunnen zeggen dat er een enorm verschil bestaat tussen proza en poëzie. Poëzie heeft veel meer transformerende mogelijkheden. Derhalve dient onze taal hier in satsang ook meer poëtisch te worden. Je kunt leren om met het zesde en zevende zintuig tussen de regels door te manoeuvreren en je kunt ontdekken hoe je door de woorden als het ware kan kijken. Laat de gebruikelijke betekenis van mijn woorden zoveel mogelijk los. Je kunt woorden zien als pijlers van onzichtbare poorten. De openbaringen wellen op uit het hiaat tussen de zinnen en de woorden. Zo’n poëtische zintuigelijke overbruggende opwel- en doorkijk-taal noemen wij Sandhya-bhasa. Sandhya betekent o.a. ‘er tussen in, ‘overgang’, ‘transformatie’. Bhasa staat voor ‘poëzie’, ‘transmissie’… Sandhya-bhasa is de twilight-taal of de overbruggings-taal van het Licht. Via de transmissie laat ik je direct zaken zien waar je normaal finaal overheen kijkt en wat meestal wordt overvoeld en overschreeuwd. Wij noemen de realiteit waarin de Directe overdracht plaatsvindt, je onmiddellijke geleefde werkelijkheid. In deze uiterst simpele en direct toegankelijke onmiddellijk geleefde werkelijkheid, vinden alle openbaringen plaats. Het woord open-baring zegt het al: de onmiddellijke openheid van de Natuurlijke Staat brengt zijn eigen teachings voort. In de openheid van de Natuurlijke Staat toont het Zelf zich aan zichZelf. Alles wat zich in deze natuurlijke openheid toont en vertoond zijn voortvloeisels van Openheid Zelf. Je kunt zodoende in mijn satsangs en in deze teksten, openlijke maar insgelijks inherente sleutels vinden. Plots als je er aan toe bent, worden ze verstaan. Hier in satsang, op mijn website en in mijn blogberichten gebruik ik via Sandhya-bhasa veel ‘trigger-’, ‘omkeer’-woorden en gezaghebbende pointers en uitspraken (Mahavakya). Maha betekent ‘groot’, vakya betekent ‘geladen gezegde’ of ‘pointer’. Mahavakya spelen in de yoga van het Licht (en in de stromingen van de Advaita Vedanta en Dzogchen) een belangrijke rol.

Zulke uitspraken, pointers en aanduidingen dragen een lading met zich mee die op je over kan springen en er een shift plaatsvindt. Zodra je op een bepaald niveau of in de buurt van dat niveau verkeert, word je door deze woorden aangesproken en wordt er iets in je getriggerd. Je herkent het meteen. Plotseling begint je er op te kicken en ervan op te kikkeren. Er trekt een ‘shivering’ door je heen. Je krijgt er ‘kippenvel’ van, je passie en compassie laaien op, er wordt iets ‘aangestoken’ en je krijgt het er warm of koud van. Je blijft niet ongemoeid. Je innerlijke vuur wordt aangewakkerd (mooi woord). Een van die sleutel-aanduidingen is bijvoorbeeld ‘het Schitterende’, een ander is ‘het Zilveren’. Ze verwijzen naar en triggeren een bepaalde staat… die voor je klaarligt om klaarwakker in te worden……

Welnu, je vroeg me of ik nog iets meer kan zeggen over het Schitterende en het Zilveren van de levensstroom… Oké, daar gaan we… Sandhya-bhasa

Wanneer je een rivier via een bepaalde invalshoek benadert dan gaat deze blinken en schitteren. Het fonkelende water triggert iets in je. Iets gaat resoneren… Je hoeft je door de trekkracht van de zilveren rivier enkel te laten uitnodigen. In het begin doet deze trekkracht zich voor als het verlangen naar Waarheid. Je hoeft zoals ik daarnet zei, in wezen enkel in de schitterende zilveren rivier van mijn traditie te springen om je via de Gouden zonsondergang naar de Grote Oceaan te laten vervoeren. Wij noemen deze Gouden zonsondergang Sandhya. Tussen het verdwijnen van de dag en het aanbreken van de nacht zit een ‘gat’ in het spiegelgangenstelsel. Een ‘gat’, waar de realisatie vrij makkelijk vat op je kan krijgen. In het Oosten noemen ze Sandhyapraying time’. ‘Praying time or medi-tation time’… onbewust of subbewust voelen mensen zich van nature aangetrokken tot dit ‘gat’, dit ‘hiaat’. Ik geef mensen de juiste instructies om in dit realisatie-gat de doorgang te herkennen naar Genezijde en om er uiteindelijk in op te gaan.”

Aanwezige: “In Zen spreken we ook wel van ‘de Poortloze Poort’…

Randolph: “Ja, prachtig, Mumonkan, the Gateless Gate, een poort zonder deur… ‘Oh, luister groots wezen, we gaan weer verder met ‘het openen van de ogen en oren’

“Als onze ware natuur handelt, beweegt zij zich spontaan en vrij als een vallende ster of een bliksemstraal. Zij beweegt zich in alle richtingen, in de hemel en op aarde, naar het zuiden en noorden, oosten en westen… “

 
~ Uit de Poortloze Poort, Mumonkan.

Wanneer je er aan toe bent, herken je dit als de uitgang uit je mind en de ingang tot Zelfrealisatie. In de vorige satsang hebben we mijn instructie hier, op de rand, al even benoemd met Sandharana (stabilisatie en centratie) en Sandhyana (verkeren op de grens van Zijn - Niet-zijn).”

Aanwezige: “Mijn oude Dzogchen leermeesters waren vrij voorzichtig in het geven van de hogere teachings. Sommige waren zelfs tot op het laatst ‘geheim’. Ze spraken over de verzegelde teachings van ‘Mengakdé’ (trekchö en tögal)… Hoe zit dit bij jou?”

Randolph: “In de Advaita Vedanta krijg je de juiste aanwijzingen precies op het juiste moment. Anders versta je ze toch niet. ‘De leermeester’ en ‘de leerlingen’ dienen hiervoor wel goed op elkaar afgestemd te zijn. Met al die ‘satsang-hoppers-en-shoppers’ kun je als leermeester niet veel beginnen. Intimiteit is hier de sleutel. Wanneer je de lijn van de Advaita Vedanta doortrekt naar Dzog Pa Chen Po (Dzogchen), dan worden mijn Sandhya-instructies Mahasandhi genoemd. Advaita Vedanta en Dzogchen hebben een gezamenlijke basis. Deze gezamenlijke basis heet Adhi-yoga. Ati of Adhi betekent ‘eerste’. Je kent het woord misschien wel van Adhi Shankara, de eerste Shankara. Misschien heb je ook wel gehoord van de Adinath Sampradaya. ‘Nath’ staat voor (leer)meesterlijke doorgave. Het woord ‘Sampradaya’ betekent ‘traditie’. Wanneer het je interesseert kun je op mijn website ‘satsang.earth’ een overzicht zien van de Navnath(negen) Sampradaya. The transmission of Heart & Space gaat eigenlijk nog verder terug dan de Advaita Vedanta en Dzogchen. The transmission of Heart & Space daalt direct uit het Licht neer. Hierna ontstaan alle ‘stromingen’ (mooi woord). Ik duid ‘the transmission of Heart & Space’ daarom vaak ook aan met ‘de yoga van het Licht’.”

Aanwezige: “Het woord ‘gat’ en verkeren op de grens van ‘Zijn - Niet-zijn’, klinkt een beetje eng…”

 Randolph: “Op zich is dit niets engs. Een angst die op het laatst voor je klaarligt is de angst van de druppel om te verdwijnen. Maar wat gebeurt er met de druppel? Hij gaat op in de Oceaan. Je kunt ook zeggen dat de druppel de Oceaan wordt. Wat een opluchting en openbaring! Onze traditionele stroming van de zilveren levensrivier loopt dwars door het ‘gat’… Dwars door ‘dag’ en ‘nacht of tussen dag en nacht, maar ook tussen ieder ander tegendeel en zijn complement door.”

Nisargadatta Maharaj: “Tussen de oevers van pijn en plezier stroomt de rivier van het leven. Alleen als denken en voelen weigeren met de stroom mee te gaan, zodat ze op de oevers stranden, ontstaan problemen. Met dit ‘meegaan met de stroom’ bedoel ik aanvaarding... het laten komen van wat komt en het laten gaan van wat wil gaan. Verlang niets en wees niet bang - neem waar wat er gebeurt terwijl het gebeurt: want jij bent niet wat er gebeurt, maar degene voor wiens oog de dingen zich afspelen...”

Randolph: “Ik zet jullie op het Directe Pad door jullie eerst in deze ontmoetingen mondelinge instructies te geven. Traditioneel noemen we deze ontmoetingen via mondelinge overdracht satsang. Satsang betekent ont-moeting in de Waarheid die je van nature bent. Het laatste traject gebeurt bij mij via stilte. In goddelijke stilte zitten, heet Darshan. ‘Praten is zilver, zwijgen is goud’. Het Schitterende vervoert je vanZelf naar het Stralende. Het Zilveren gaat vanZelf over in Goud. In ‘the transmission of Heart’ zeggen we: ‘Give your live back to the original cause of your existence’… Wat is het laatste voertuig? In ‘vervoering’ verkeren. Wat ik met jullie doe is je leren deze schitterende rivier der vervoering te herkennen en ervan te drinken. Wanneer je er voldoende van gedronken hebt, raak je niet alleen in vervoering,  maar welt er ook de kracht in je op om de sprong in de rivier te wagen. Is dit gebeurd dan neemt de realisatie je vanZelf op. In ‘vervoering’ bereik je je laatste bestemming, je Ware Natuur, je Ware Thuis (en ontdekt dat je hier eigenlijk altijd al Thuis in was). Aan het einde is het één groot feest, waar je niet alleen de bloemetjes buiten zet, maar ook ‘jezelf’.”

Nisargadatta Maharaj: “De kennis die ik geef, is een stroom, een stromende rivier. Als je er wat van wil, neem het dan, drink het water, neem het in je op, laat het binnenstromen... Terwijl ik erover praat, neem ik jullie mee naar de oorsprong van de bron. Daar druppelt water uit. Dat gedruppel wordt gaandeweg een rivier, een wijde riviermond en uiteindelijk de zee. Ik neem jullie steeds weer mee naar de bron. Zodra je bij de bron bent, kom je erachter dat er eigenlijk geen water is. Het water is de smaakmaker, het nieuws ‘ik ben’.”

Aanwezige: “Heb je deze kracht nog ergens anders voor nodig?”

Randolph: “Ja, je hebt kracht nodig om de verleidingen van Ontwaken te weerstaan en toch op het laatst niet op de oevers terecht te komen… Je zult voor volledige Bevrijding de hele weg af dienen te leggen… In de hartsoetra duiden we dit aan met:

‘Gate, Gate, paragate, parasamgate, Bodhi Svaha!’ Gegaan, gegaan, naar de andere oever gegaan, volledig naar de andere oever gegaan, ontwaakt, zo zij het!

Je kunt ook zeggen: Ga, ga, spring, spring er volledig in en verkeer in vervoering, ontwaak en explodeer naar het uiteindelijke!’

Wanneer je ‘bang’ wordt neigt een mens weer naar individualiteit. Je verliest dan alsnog de verbinding en strandt dan weer op de oevers van de rivier voordat je de Grote Oceaan bereikt hebt. Je verliest de connectie met de ‘vervoerende’ rivier. Je verliest je ‘Vervoering’, deze droogt op. Zelfs als de universaliteit van je wezen zich heeft voortgedaan… ben je toch nog niet helemaal thuis. Je bent dan weliswaar niet meer ‘eenzaam’, maar wel ‘alleen’ (al-een). Maar ‘al-een’ in nog niet geheel verdwenen zijn in de Grote Stralende ononderbroken Oceaan.”

Aanwezige: “Ik snap wat je bedoelt. Telkens wanneer ik word opgenomen, voelt dit zo vreemd aan, dat ik bang word en weer terugkeer tot mijn houvast?”

Randolph: Ja, in het begin voelt deze ‘vervoering’ vreemd aan. Het is een kracht die zo anders is dan al de invullingen van het collectieve, individuele en zelfs universele bewustzijn. In het begin kunnen mensen er inderdaad een beetje bang voor worden. In het begin voelt het als een vervreemding. Je vervreemd niet alleen van het collectieve bewustzijn, maar ook van ‘jezelf’. Wanneer je ook maar enigszins door de rivier wordt opgenomen, raak je vervreemd van het al het ‘bekende’. Het oude bekende werkt niet meer, maar het nieuwe is nog niet aangebroken… Je bent nog niet volledig overgestoken. Er is nog geen ‘parasamgate’, laat staan Bodhi Svaha! Via de Avadhuta-teachings van Sandharana en Sandhyana laat ik je langzaam maar zeker wennen aan overgenomen worden. Hier dien je mentaal en emotioneel al redelijk voor gestabiliseerd en gecentreerd (Sandharana) te zijn. Enkel zien dat er geen ‘ik’ is, is niet voldoende. Door ‘het stuur van je fiets los te laten’, merk je vanzelf wel waar je heen gaat. Je zult dan merken dat het bestaan wis en waarachtig voor je zorgt. Alleen gebeurt dit wel op een ‘onpersoonlijke’ manier. Voor het bestaan bestaat er eigenlijk niet zoiets als ‘persoonlijk’ of ‘onpersoonlijk’. Hier moet je even aan wennen. Het gerealiseerde leven verloopt niet zoals jij dat ‘persoonlijk’ zou willen. Je leeft je bestemming… Praten of speculeren over ‘het stuur loslaten’ heet filosofie of spiritueel zijn. Het stuur daadwerkelijk loslaten heet het Directe Pad…”

Aanwezige: “Wat bedoel je met je bestemming leven?”

Randolph: “Give your life back to the original cause of your existence. Je volledige potentie en bestemming leven is het grootste avontuur in dit leven en het grootse geschenk dat er maar kan bestaan. Adhisthana noemen we dit, het allereerste geschenk. Het geschenk dat je bestaat en het geschenk van volledig levend zijn (‘ik-ben’). Volg je dit spoor, dan leef je je bestemming en heb je van geen dag spijt. ‘Living on the edge’ noemen we dit in de yoga van het Licht. Wanneer je elke dag volledig leeft en je zou plotseling sterven, dan ga je zonder gewetenswroeging dood. Er bestaat dan niet meer ‘had ik dit of dat nog maar gedaan’. Je ‘bucket list’ is verdwenen. Met een smile op je gezicht verlaat je dit leven… je hebt ‘het onderste uit de kan (bucket) gehaald’. What a rush! Hier in Satsang en Darshan verkeer je met mij ‘right on the spot’ en ‘op het scherp van de snede’. Je volgt de rode draad die dwars door je leven en alles heen loopt. Je verkeert letterlijk en figuurlijk in je nopjes en op de toppen van je kunnen. Waarom denk je dat ik jullie de wereld mee in neem en op al die bergtoppen neerzet en je naar al deze exotische sandhya-strandjes meeneem om in zonsondergangen op de grens te verkeren waar de elementen elkaar ontmoetten?” 

“Open up to the rainbows, the moon, the sun and the stars...”

                                                             ~ Uit Meester Cheng III

Randolph: “In de psychologie (Abraham Maslow) noemen we dit ‘pieken’. Je leeft het pad van piekervaringen. Je bent een pieker.”

Aanwezige: “In Dzogchen spreken we van tögal.”

Randolph: “Ja, verschillende termen die voldoen aan dezelfde kosmische wetmatigheid en de aard der dingen. In Dzogchen spreekt men bijvoorbeeld van mengakdé, geheime instructies, in de vorm van trekchö en tögalTrekchö betekent letterlijk ‘doorsnijden’ of ‘doorhakken’ van verknopingen in bewustzijn. Tögal betekent ‘het direct oversteken van de bergpiek’, ‘de explosie op toppunt van de levenskracht’, of ‘de transcendente sprong’… In de Advaita Vedanta zegt men dit net iets anders. Men spreekt o.a. over Vairagya, hetgeen het doorsnijden van je objectgerichtheid betekent. Het betekent ‘genoeg van hebben van de indirectheid van alle dingen in de wereld’. Je komt niet meer in het ‘geding’. Je gaat er aan voorbij. In de yoga van het Licht spreek ik in plaats van doorsnijden ook wel over het ontwarren van de knopen in je hart. Nadat je verwarring en je conditioneringen zijn doorgesneden, komt Sandhyana om de hoek kijken, Sandhyana zou je kunnen vertalen met ‘verkeren op de grens van Zijn en Niet-zijn’ of ‘het spontaan aandachtig, totaal en explosief wakker aanwezig zijn op de piek van de levenskracht’. Het drinken van het directe levenswater levert de transcendente energie voor de grote sprong…

Je kunt dit natuurlijk alleen echt ontdekken door de zelfsturing daadwerkelijk los te laten. Ik laat je zien hoe je perfect zonder de illusoire ‘follow-up’ en ‘claim’ van een ‘ik’ kunt leven. En ergens ken je dit natuurlijk halfbewust wel. Jij ‘klopt je hart’ niet, jij ‘haalt geen adem’… Dit gebeurt geheel ‘buiten je om’. In Sandharana laten we je eerst op fysiek niveau de werking van de levenskracht zien om deze meer en meer zijn gang te laten gaan… Volg de rivier van de levenskracht, neem er telkens een slokje, een voorproefje, van en betreedt langzaam maar zeker de zilveren schitterende levensstroom. Misschien eerst met maar één teen… De oevers van de rivier zou je ‘het bekende’ kunnen noemen. De rivier zelf, het ‘onbekende’ en de Grote Oceaan ‘het Onkenbare’. Wanneer je vervreemd van het ‘bekende’ en je bent nog niet door je Onkenbare Ware Natuur overgenomen, verkeer je in een onbekend ‘niemandsland’. Het is precies hier in dit ‘niemandsland’ waar de Jnani’s en de Avadhuta’s van mijn traditie hun leerlingen in hun bestaan ont-moeten en oppikken. Het is precies Hier waar mijn kracht en begeleiding pas echt tot zijn recht komt. Door samen met je in de stroom te springen, drijf ik met je mee en krijg je de hogere teachings om in de Grote Oceaan op te gaan. Een Avadhuta is pleased to be carried’. Existence takes care of him… Wanneer je in het midden van de rivier blijft en niet meer angstvallig naar de oevers zwemt of in de rivier aan iets vastklampt, dan tilt de rivier je via Shraddha (natuurlijk bron-vertrouwen) op en neemt je mee naar alle hoogten en diepten. Je kunt ook zeggen dat de rivier naar Shraddha proeft. De rivier van wezenlijk vertrouwen, bronvertrouwen, brengt je naar de Grote Oceaan. Ik ken een verhaaltje van Richard Bach over het opgetild worden door de stroom van de rivier…”

Richard Bach: ‘En altijd sprak hij tot hen in parabels.

En hij zei tot hen: ‘In ieder van ons schuilt het vermogen alle dingen te aanvaarden of te verwerpen: gezondheid en ziekte, rijkdom en armoede, vrijheid en slavernij. Wij zijn het die deze dingen beheersen en niet een ander.’

Een molenaar sprak en zei:
‘U hebt makkelijk praten, Meester, want u wordt geleid en wij niet, en u hoeft niet te zwoegen zoals wij zwoegen. In deze wereld moet een mens werken voor zijn brood.’

De meester antwoordde en zei: ‘Er was eens een dorp van wezens op de bodem van een grote kristallijne rivier.’
De stroom van de rivier snelde geluidloos over hen allen voort - jong en oud, arm en rijk, goed en kwaad; stroom ging zijn eigen weg, kende slechts zijn eigen kristallijne zelf.’

Elk wezen klemde zich op zijn eigen manier vast aan de planten en stenen op de bodem van de rivier want vastklemmen was hun wijze van leven en zich tegen de stroom verzetten was wat ieder van zijn geboorte af geleerd had.’
Maar uiteindelijk zei een wezen: Ik word het moe me vast te klemmen. Ofschoon ik het met mijn ogen niet kan zien, vertrouw ik dat de stroom weet waar hij naar toe gaat. Ik laat me los en laat me meevoeren. Als ik me blijf vastklemmen, zal ik sterven van verveling.’

De andere wezens lachten en zeiden. “Dwaas! Laat los en de stroom die je vereert, zal je buitelend over de rotsen sleuren en verpletteren, en je zult sneller sterven dan dat de verveling verdwijnt.’

‘Maar die ene sloeg geen acht op hen en diep ademhalend liet hij los en meteen werd hij buitelend door de stroom over de rotsen gesleurd en bijna verpletterd.’

‘Maar uiteindelijk, toen het wezen weigerde zich opnieuw vast te klemmen, tilde de stroom het vrij van de bodem en het werd niet meer gekneusd en gewond.
En de wezens stroomafwaarts, voor wie het een vreemde was, riepen: “Kijk, een wonder! Een wezen als wijzelf maar het vliegt! Kijk, de Messias is de gekomen om ons allen te redden!’

‘En degene die door de stroom meegevoerd was zei: “Ik ben evenmin een Messias als jullie. De rivier schept er een genoegen in ons vrij te maken, als we ons alleen maar durven te laten gaan. Onze echte opdracht is deze reis, dit avontuur’

‘Maar ze riepen des te harder Heiland! Zich nog steeds vastklemmend aan de rotsen, en toen ze weer opkeken was hij verdwenen, en ze bleven alleen achter en schiepen legenden over een Heiland.’


(Wordt vervolgd)

Randolph: “Wanneer je klaar bent voor het grote realisatie avontuur, zoek je een traditie en een gids die bekend is met de ongerepte toppen, de spelonken en de eeuwenoude wegen...”

Copyright 2018, Opensatsang, Satyasatsang.nl, Satsang.earth, Randolph, Avadhuta-blog, ©

Avadhuta teachings (3)
Avadhuta atavistisch.jpg

The transmission of Heart & Space...

Aanwezige: “Kun je me verder helpen met de Avadhuta-teachings die jij hebt genoten?"

Randolph: “Ja, natuurlijk… Heb je buiten de druppeltjes op de bladeren gezien en heb je vandaag de wolken voorbij zien trekken?"

Aanwezige: “Ja, prachtig, hé.”

Randolph: “Maar heb je ze echt Gezien? De meeste mensen beantwoorden dit met ‘natuurlijk hebben we dat’. Ze denken: ‘We hebben toch niet met een mafkees te maken of zo?’ Toch zeg ik dat ik het betwijfel of je echt weet wat ik bedoel. De mensen die bewustzijn verruimende middelen hebben genomen, krijgen misschien een flauw vermoeden met wat ik bedoel met het wonder van de druppeltjes op de bladeren. Ben je ooit echt ‘buiten’ geweest?”

Aanwezige: “buiten?”

Randolph: “Ja, ‘buiten je mind’. Buiten het spiegelgangenstelsel van je referentie- en projectie-kaders? Of ben je compleet binnen je mind opgesloten geraakt?  In het Engels zeggen we: ‘How far did you tumble down the rabbit hole?’ Hoe ver heb je je bestaan verdicht en ben je in het spiegelgangenstelsel de weg kwijt geraakt? Hoe ver heb je jezelf ingegraven en ben je ‘een levende dode’ geworden? Wat betreft ‘buiten’, kan ik ook zeggen: ‘In hoeverre heb je jeZelf teruggevonden in de Grote Openheid?’ In hoeverre heb je buiten je mind je Ware Natuur herkend en gevonden?”

Aanwezige: “Kun je nog een voorbeeld geven?”

Randolph: “We verkeren hier op Ibiza. Heb je daarnet voordat je de satsangzaal betrad hier om het zwembad de voorjaarsbloemen gezien? In hoeverre heb je de bloemen buiten echt geZien? Vaak zeggen we dat iemand de bloemetjes buiten heeft gezet. Mijn vraag is heb je ‘jezelf’ wel eens buiten gezet?”

Aanwezige: “Ik begrijp wat je bedoelt, maar kan er nog niet helemaal bij komen. Kun je misschien ingaan op in hoeverre ik de bloemen ‘buiten’ echt kan gaan Zien?”

Randolph: “Om een beetje duidelijk te maken wat ik bedoel kan ik ook zeggen: hebben de bloemen en de wolken jou gezien? De meeste mensen proberen met veel moeite de realisatie te vinden. Ze doen hun uiterste best om het al doende voor elkaar te krijgen, maar werken hiermee Zelfrealisatie juist tegen. Het is typisch Westers om er naar te streven Zelfrealisatie voor elkaar te krijgen. Het doe-het-zelven zit er hier diep is. Wat betreft Zelfrealisatie is de doe-het-zelf-modus een verwarring en een verkramping. Het is voor een westerse geest haast onoverkomelijk dat je Zelfrealisatie niet kunt doen, maar enkel kunt toelaten. Mensen ervaren het tegenwoordig blijkbaar als een afgang dat je zelf, in je eentje, iets niet voor elkaar kunt krijgen. Vanuit mijn visie is dat juist iets heel moois. We hebben elkander nodig. Al mijn leermeesters hadden elkaar nodig. Dit is juist de kracht van mens zijn en een traditionele doorgave. Wanneer je mij aankijkt, kijk je in wezen mijn hele traditie aan. Je ontmoet een verbindende kracht die je bevrijdt. Deze verbindende en bevrijdende kracht noem ik ‘the transmission of Heart & Space’. Wanneer je in mijn traditie geïnitieerd bent, ben je aangesloten op de krachtbron van het Heart van Ramana Maharshi, Selvarajan Yesudian… en de oneindige Space van de Navnath Sampradaya van Siddharameshwar, Nisargadatta Maharaj, Alexander Smit… Een traditie is niet een keten waar je aan vast zit, het is een verbindende doorgave die je juist bevrijdt…”

Aanwezige: “Oh, nu begrijp ik ineens waarom je vaak vanuit ‘wij’ spreekt!”

Randolph: “Ja, het is tegenwoordig ‘in’ om jezelf centraal te stellen. Kijk maar in de boekhandel op de voorkanten van die self-made-universum-boeken. This is the age of individualism

Alle Bevrijden kijken door Verlichte ogen. Iedere individualiteit is eruit vertrokken. Wanneer een vrij mens ‘ik’ zegt, is het eigenlijk ‘Ik’, ‘Ik’, ‘Ik’, ‘Ik’… tot in de Oneindigheid in… Je Ware Natuur is zelfs voorbij universaliteit en explodeert naar het Absolute. In Bevrijdde ogen zie je de explosie van het Heelal. Je zou jeZelf ook het ononderbroken Stralende kunnen noemen… iedere individualiteit en universaliteit wordt Hier bevat en omvat.  Er is één Zelf die door alle ogen ‘schijnt’ en ‘straalt’. Welnu, terugkomend op je hulpvraag… Wij zeggen: “Zoek niet, maak je simpel zichtbaar dan kan de Realisatie jou veel makkelijker vinden. Wanneer de realiteit van het Schitterende zich openbaart, is Zien iets heel anders dan kijken. Wie of wat dan Ziet en wat wordt geZien is dan eender. Alles baadt dan in dit schitterende Licht en krijgt zijn glans en gloei en wordt volledig transparant om uiteindelijk te exploderen. ‘The Big Bang’ vindt ieder moment plaats. Alles wordt in het Schitterende aangeraakt, verlevendigd en explodeert…”

Aanwezige: “Geef eens een voorbeeld?”

Randolph: “Sta je toe dat de wind jou vindt? Heb je wis en waarachtig de wind door je haar voelen waaien? Mag de wind voelbaar door je haar waaien?... is stap één.

Mag de wind voelbaar dwars door je heen waaien? Heb je de wind dwars door je heen voelen waaien?… is stap twee.

Mag de wind voelbaar (en soms in alle pijnlijkheid) dat vinden wat er nog van je over is gebleven? Ben je in de wind opgegaan?… is stap drie.

Je snapt natuurlijk dat ik je dit in levende lijve dien te instrueren. De tijd is er nu rijp voor. Ik begin nu steeds meer mensen hierin te initiëren. Dit is geen kwestie van 'knowhow'. Ik moet het daadwerkelijk op je kunnen overbrengen. Hier zijn mijn live satsangs voor: de levende overdracht! Vroeger was dit voor een mens veel eenvoudiger. Opgaan in de elementen was iets vanzelfsprekends. Een van mijn leermeesters noemde dit een ‘atavistisch’ vermogen. Een voorvaderlijk vermogen, wat in de loop van de evolutie naar de achtergrond is verdrongen. Opgaan was echt niet alleen weggelegd voor sjamanen en Videhamukta. Vroeger zat (de aandacht van) een mens veel ‘losser' in zijn lichaam en behoorde het gebruik van deze vermogens bij een automatisch onbewust overgedragen evolutionair pakket. Tegenwoordig is een mens in zijn ontwikkeling veel meer een individu geworden. Toch is het maar een kleine stap om je van individualiteit naar universaliteit te ont-wikkelen. Via het bewust leren wat werkelijk voelen is, ontwaakt er wederom een schijnbaar verloren gegaan vermogen. Wij spreken van Sandharana (stabiliseren en centreren) en Sandhyana (verkeren op de grens van Zijn - Niet-zijn). Werkelijk voelen is universeel voelen. Dit is iets heel anders dan persoonlijk voelen, of voelen vanuit (de illusie) van een persoon. De meeste mensen voelen persoonlijk. De wetmatigheid is: ‘Je krijgt van waaruit je vertrekt’. Vertrek je vanuit de illusie van het persoonlijke, dan bevestig je hiermee enkel de illusie van het persoonlijke. Ook al wil je de illusie van het persoonlijke doorzien of oplossen… je krijgt en bevestigt altijd van waaruit je vertrekt.”

Ramana Maharshi: “Je kunt met mind niet voorbij aan mind komen…”.

Alexander Smit: “Je kunt jezelf niet bij de haren pakken om jezelf het moeras uit te trekken…”

Randolph: “Universeel voelen is niet alleen het universum (en het universele) voelen, maar ook toestaan dat het universum (en het universele) jou mag voelen. Zelfrealisatie is niet iets wat je kunt ondernemen. Er is nog nooit iemand geweest die Zelfrealisatie heeft bewerkstelligd of ‘zelfstandig’ heeft gevonden. Wat wel mogelijk is, is dat de Realisatie jou heeft gevonden (en wat er van je over is gebleven opgelost…). De Bevrijding is niet voor ‘jezelf’, maar van ‘jezelf’.”

Aanwezige: “Hoe ging het er bij Ramana en Yesudian dan aan toe?”

Randolph: “Bij Ramana Maharshi volgden mensen zijn instructies op via zelfonderzoek. Yesudian zwierf meer rond en ging veel naar bepaalde oorden als begraafplaatsen. Zowel Yesudian als Ramana lieten zich door ‘de dood’ vinden, om er wakker door heen te gaan.”

Aanwezige: “Heb jij de dood ook opgezocht?”

Randolph: “Ja, alleen hoefde ik die niet op te zoeken. Die klopte iedere dag op mijn deur, via de oorlog die mijn ouders hadden meegemaakt. De helft van de familie was verdwenen. Wat betreft Zelfrealisatie ‘sterf je een duizend doden’. Terugkomend op Ramana… Wat is zelfonderzoek bij Ramana Maharshi? Bij alles wat er zich voordoet of tot je komt vraag je: ‘Wie ervaart dit? Wie maakt dit mee? Wie is er blij? Wie is er gefrustreerd? Het antwoord is natuurlijk ‘ik’ en vervolgens vraag je ‘Wie ben ik?’ Met deze vraag wordt ieder standpunt en in het bijzonder, je laatste standpunt, weggevaagd. In het moment blijft er dan niets concreets over. Op dat moment ben je rijp voor Zelfrealisatie. Wat betekent dit? Op dat moment verkeer je niet alleen in overgave en ben je ontvankelijk, maar ben je voor de realisatie ook vindbaar en kan de Realisatie je overnemen. Dit is vaak wat er nog ontbreekt. Ik kom in satsang vaak mensen tegen die hun uiterste best doen. Aan hun inzet ligt het niet. Maar zijn ze bereid om gevonden te worden en om het onderspit te delven? Wij noemen deze bereidheid kleurbekennen. Een mens heeft nog al veel ‘transparante-ikken’ die de realisatie onbewust, subbewust of zelfs bewust blokkeren. Een leermeester helpt je deze boven water halen, door je kleur te laten bekennen.”

Aanwezige: “Wat bedoel je met kleurbekennen?”

Randolph: “Je hebt op de middelbare school vast wel eens van de lakmoestest gehoord. Wanneer je een transparante vloeistof hebt, wil men in de natuurkunde, scheikunde en biologie graag weten of deze transparante vloeistof ‘zuur’ of ‘basisch’ is. Dat maakt voor een reactie namelijk veel uit. Wanneer iets transparant is, betekent het nog niet dat het onschuldig is. Het kan best wel ‘bijten’. Door in de vloeistof een lakmoesstrookje te houden, slaat deze gekleurd uit. Aan de kleur kun je zien of de transparante vloeistof ‘basisch’ is of ‘zuur’…

De grote vraag is: ‘Mag de Realisatie je vinden?’ Laat je je helemaal zien? Mag je overgenomen worden? Met het Zelfonderzoek van Ramana kom je telkens tot: ‘Wie zoekt er? Wie doet er Sadhana (spirituele praktijk)? Het kleurbekennend antwoord is natuurlijk: ‘Ik’. De persoonlijke basis waarop alles berust is nu vindbaar (en oplosbaar). Met ‘Wie ben ik’ schijnt het wakkere licht van bewustzijn op het illusoire ‘ik’, waardoor de illusie wordt weggevaagd, niet reëel is en er helemaal niet blijkt te zijn! Mensen vroegen op een gegeven moment aan Ramana: “We doen nu al een hele tijd zelfonderzoek… Alles is transparant geworden en iedere basis is vernietigd… Is dit Zelfrealisatie. Zijn we nu klaar? Het antwoord van Ramana was: ‘Dit is nog geen Zelfrealisatie’. Verder kun je met Zelfonderzoek niet komen. Men vroeg vervolgens aan hem: ‘Oké, wat nu? Zijn magistrale antwoord was: Ramana does the rest… Ik krijg er nu nog tranen van in mijn ogen.”

Aanwezige: “Ging de Realisatie van Ramana Maharshi ook zo?”

Randolph: “Ja, hij werd ook gevonden en liet zich overnemen? Zelfs hij had er in het begin wat moeite mee en stond er wat wantrouwig tegenover. Ik zal een stukje citeren uit Narasimha Swamy’s biography, ‘Self Realisation’ dat op het internet staat:

“There are two important points in this account which are not brought out in the published version. The first is Bhagavan’s repeated use of the word avesam to describe his initial perception of his experience. In Tamil, the word means ‘possession’ in the sense of being taken over by a spirit. For the first few weeks Bhagavan felt that he had been taken over by a spirit which had taken up residence in his body. The second point is that the feeling persisted until shortly before he left home, and his discovery that the avesam was the Self and not some external being residing in his body may have been a contributory factor in his decision to leave home.

The account is in Bhagavan’s own words, and though there are strong traces of the translator’s style and preferred terminology, it is still a more accurate version than the ones which have been printed in all of the published biographies…

Sri Ramana Maharshi's Remarks:

Ramana Maharshi: “My fear of death was some six weeks before I left Madurai for good. That fear was only on one day and for a short time. At the time there was a flash of excitement, it may be roughly described as heat, but it was not clear that there was a higher temperature in the body, nor was there perspiration. It appeared to be like an avesam or some spirit possessing me. That changed my mental attitude and habits. I had formerly a preference for some foods and an aversion to others. This tendency dropped off and all foods were swallowed with equal indifference, good or rotten, tasty or tasteless. Studies and duties became matters of utter indifference to me and I went through my studies turning over pages mechanically just to make others who were looking on think that I was reading. In fact my attention was never directed towards the books, and, consequently, I never understood their contents. Similarly, I went through other social duties possessed all the time by this avesam, i.e., my mind was absent from them, being fascinated and charmed by my own Self. I would put up with every burden imposed on me at home, tolerating every slight with humility and forebearance. Periodically, interest in and introspection on the Self would swallow up all former feelings and interests.

That fear was only on the first day, that is, the day of the awakening. It was a sudden fear of death which developed, not merely indifference to external things. It also started two new habits. First, the habit of introspection, that is, having attention perpetually turned on my Self, and second, the habit of emotional tears when visiting the Madurai temple. The actual enquiry and discovery of ‘Who I am’ was over on the very first day of the change. That time, instinctively, I held my breath and began to think or dive inward with my enquiry into my own nature. ‘This body is going to die’ I said to myself, referring to the gross physical body. I had no idea that there was any sukshma sarira (the causal body) in human beings. I did not even think of the mind. I thought of the gross physical body when I used the term body, and I came to the conclusion that when it was dead and rigid, (then it seemed to me that my body had actually become, rigid as I stretched myself like a corpse with rigor mortis upstairs, thinking this out) I was not dead. I was, on the other hand, conscious of being alive, in existence. So the question arose in me, ‘What was this ‘I’? Is it this body? Who called himself the ‘I’?’ So I held my mouth shut, determined not to allow it to pronounce ‘I’ or any other syllable. Still I felt within myself, the ‘I’ was there, the sound was there, and the thing calling or feeling itself ‘I’ was there. What was that? I felt that there was a force or current, a centre of energy playing on the body, continuing regardless of the rigidity or activity of the body, though existing in connection with it. It was that current, force, or centre that constituted my Self, that kept me acting and moving, but this was the first time that I came to know it. I had no idea of my Self before that. From that time on, I was spending my time absorbed in contemplation of that current.

Once I reached that conclusion (as I said, on the first day of the six weeks, the day of my awakening into my new life), the fear of death dropped off. It had no place in my thoughts. ‘I’ being a subtle current, it had no death to fear. So further development or activity was issuing from the new life and not from any fear. I had no idea at that time of the identity of that current with the personal God, or ‘Ishvara’ as I used to call Him. As for Brahman, the Impersonal Absolute, I had no idea then. I had not even heard the name Brahman. I had not read the Bhagavad Gita or any other religious works except the Periapuranam, and in Bible class, the four Gospels and the Psalms from the Bible. I had seen a copy of Vivekananda’s Chicago Lecture, but I had not read it. I could not even pronounce his name correctly; I pronounced it ‘Vyvekananda’ giving the ‘i’ the ‘y’ sound. I had no notions of religious philosophy except the current notions of God, that He is an infinitely powerful person, present everywhere, though worshipped in special places in the images representing Him. This I knew in addition to a few other similar ideas which I picked up from the Bible and the Periapuranam. Later when I was in the Arunachala temple, I learnt of the identity of my self with Brahman, and later with Absolute Brahman, which I had heard in the Ribhu Gita as underlying all. I was only feeling that everything was being done by the current and not by me, a feeling I had had ever since I wrote my parting note and left home. I had ceased to regard the current as my narrow ‘I’. That current or avesam now felt as if it ‘was’ my Self, not a superimposition.

While on the one hand, the awakening gave me a continuous idea or feeling that my Self was a current or force in which I was perpetually absorbed whatever I did, on the other hand, the possession led me frequently to the Meenakshi Sundaresa temple. Formerly I would visit it occasionally with friends, but at that time that produced no noticeable emotional effect, much less a change in my habits. But after the awakening, I would go there almost every evening, and in that obsession I would go and stand there for a long time alone before Siva, Nataraja, Meenakshi and the 63 Tamil saints. I would sob and shed tears, and would tremble with emotion. I would not generally pray for anything in particular, although often I wished and prayed that...”

Randolph:
“De grote vraag is dus: mag je gevonden worden? Wanneer je vroeger in de Himalaya in heilige tempels kwam dan staarden je niet alleen de goden aan, maar ook de demonen… Wanneer je een ‘angstaanjagende creatie’ vermeed, was je het niet waard om tot de werkelijke geheimen van de tempel door te dringen. Je schrok er dan van terug en vermeed de demonen door bijvoorbeeld de andere kant op te kijken… In wezen zijn alle geheimen van Zelfrealisatie hier beschikbaar. Je kijkt er enkel over heen. Ben je het waard om door bepaalde 'krachten' gevonden te worden?”

Aanwezige: “Ah, nu snap ik ook de adviezen in het Tibetaanse dodenboek. Wanneer je een een ‘angstaanjagende creatie’ ontmoet, dien je niet weg te lopen, maar dien je erdoor te laten verslinden…”

Randolph: “Precies, dan kom je er via ‘de andere kant weer uit’. Dat heet iets echt transformeren en transcenderen. Je wordt er dan nooit meer door teruggeroepen. Je snapt natuurlijk wel wat er met een ‘angstaanjagende creatie’ bedoelt wordt. Je eigen spookbeelden, je eigen verzinsels, je eigen dubbelzinnigheid, onwaarachtigheid en huichelarij.”

Aanwezige: “Ik ken een mooi stukje hieromtrent uit ‘De weg der witte wolken’…"

De weg der witte wolken: “De tempel was gewijd aan de verschrikkelijke en angstaanjagende goden; de machten van ontbinding en transformatie, die een destructief en angst verwekkend karakter schijnen te bezitten voor hen die aan de dingen van deze wereld hangen en aan hun eigen beperkte bestaan, maar de machten van de bevrijding blijken te zijn voor hen, die ze aanvaarden en in de juiste geestesgesteldheid weten te benutten door zich van hun ware aard bewust te worden. Zij zijn de opruimers van hindernissen, de bevrijders van knellende banden, de symbolen van het allerdiepste mysterie van de zelftranscendentie in de extase van het doorbreken van de duisternis der onwetendheid. Zij zijn de belichaming van de hoogste kennis, die als een verblindende bliksemflits degenen zou vernietigen die er nog niet klaar voor zijn… Het is om die reden dat veel van de beelden in deze tempel gesluierd zijn en het slechts aan ingewijden is toegestaan, de tempel alleen te betreden. Voor hen zijn deze krachten of aspecten van de werkelijkheid evenzeer symbolen van de Verlichting als de vol meedogende belichaamde Boeddha’s en Bodhisattva’s. Inderdaad zijn zij één met hen in hun diepste wezen. De universele wet is weldadig voor hen die haar aanvaarden en verschrikkelijk voor hen die zich tegen haar keren. Daarom verschijnen de machten van het licht (de machten die ons aansporen om de Verlichting te bereiken) in een angstaanjagende vorm aan de vijanden van het licht en de waarheid, om welke reden deze vormen de Beschermers van de Wet (cho-kyong gon-po) worden genoemd en als beschermheiligen worden aangeroepen door hen die de inwijding hebben ontvangen en hun betekenis hebben doorgrond.”

(Wordt vervolgd)


Randolph: “Wanneer je klaar bent voor het grote realisatie avontuur, zoek je een traditie en een gids die bekend is met de ongerepte toppen, de spelonken en de eeuwenoude wegen...”

Copyright 2018, Opensatsang, Satyasatsang.nl, Satsang.earth, Randolph, Avadhuta-blog, ©

Avadhuta teachings (2)
Satsang, Sandhyansa, dawn.jpg

Avadhuta-teachings, Pandora-teachings...

Aanwezige: “Kun je misschien iets zeggen over de Avadhuta-teachings die jij van je leermeesters hebt genoten? Ik kan in de boeken van Ramana Maharshi, Selvarajan Yesudian, Nisargadatta Maharaj en Alexander Smit hier niet echt iets over vinden?”

Randolph: “Dit is een goede vraag. Af en toe verschijnen er wat interacties tussen Alexander en mezelf op bijvoorbeeld ‘Mixcloud’, die enigszins tonen, hoe het eraan toeging en welke teachings ik letterlijk tussen neus en lippen door’ ontving. Nadat een gerealiseerde is ontwaakt, ontstaan er meestal teachings die zijn afgestemd op de vraag van het publiek in de specifieke tijd en cultuur waarin hij verkeert. Is het niveau van de omgeving laag, dan komen de hogere teaching meestal ook niet helemaal uit de verf of tot hun recht. Maar wanneer je eraan toe bent, kun je de hogere teachings in hun satsangs en uitgeschreven teksten toch ‘tussen de regels door’ vinden. Maar er is nog iets anders… Ook al genoot ik natuurlijk ook de openbare teachings van mijn leermeesters, toch merkte ik op den duur op dat ik anders in mijn zoektocht stond dan mijn medezoekenden. Ik was eigenlijk niet zozeer geïnteresseerd in wat mijn leermeesters zeiden, maar in wat ze waren? Wat keek er werkelijk door hun ogen? Welke teachings hadden zij zelf genoten? Wat was het dat doorslaggevend voor hun realisatie was? Op de een of andere manier kreeg ik door dat de algemene en openbare teachings meestal niet de teachings waren die de Verlichte zelf genoten hadden. Welke uiterlijke of innerlijke teachings had bijvoorbeeld Ramana Maharshi genoten, na zijn spontane ontwaken? Wanneer je bijvoorbeeld de verhalen omtrent Ramana Maharshi leest, krijg je meestal wat algemene zaken voorgeschoteld. Verhalen van hoe hij in de donkerte van tempels en grotten verkeerde en zichzelf volledig vergat. Maar wat gebeurde daar dan precies? Uiteindelijk kwam ik achter dit soort zaken door in mezelf met deze hogere teachings in contact te treden en ze ‘in mezelf’ terug te vinden. Ik fungeer nu als een katalysator voor jullie om dit door te geven. Een kanalisator triggert een chemische reactie, maar maakt er zelf geen deel van uit. Een leermeester vergemakkelijkt ontwaken en transformatie. Ik noem dit tegenwoordig ‘the transmission of Heart & Space’. We hoeven namelijk niet ‘telkens weer zelf het wiel opnieuw uit te vinden’.

Aanwezige: “Maar is er dan bij je leermeesters helemaal niets over de Avadhuta-teachings terug te vinden?”

Randolph: “Jawel, in het volgende fragment wordt omtrent de Avadhuta-teachings door Ramana enigszins een boekje over opengedaan. Ooit vroeg men aan Ramana Maharshi hoe hij tot Bevrijding was gekomen zonder een guru te hebben gehad. Zijn antwoord was dat hij wel degelijke een guru had gehad, alleen niet in menselijke vorm… Het fragment staat heel mooi in het Engels en laat ik daarom onvertaald…

Ramana Maharshi: “The whole world was my Guru. It has been already said that Guru need not be in human form and that the Self within, God, Guru are the same… Everything in the world was my Guru. Don’t you know that Dattatreya, when he was asked by the king which Guru had taught him the secret of bliss, replied that the earth, water, fire, animals, men, etc., all were his Gurus and went on explaining how some of these taught him...

Aanwezige: “Ik ken dat verhaal van Dattatreya niet?”

Randolph: “In een van India’s heilige boeken (the Eleventh Book of the Srimad Bhagavata Maha Purana) is er sprake van een rondzwervende Avadhuta die het allerhoogste had gerealiseerd door totaal op te gaan in de wijsheidsgeest van de natuur. Ik zal er een stukje uit citeren:

Once, Dattatreya while roaming happily in the forest met King Yadu. King Yadu was curious to know the secret behind the freedom and happiness of Avadhuta Dattatreya.

King Yadu: “Salutations to you, Liberated one, kindly tell me what guru has given you the great Heart realization which has made you perfect in heart-wisdom, full of peace, uninterrupted in Absolute Bliss and completely devoted to the good of all living beings.”

The Avadhuta smilingly answered: “One’s own Self is one’s chief Guru. By heart-knowledge of Self in communion one realizes the Great Bliss. I did not learn from one particular source. Like a bee I collected my heart-wisdom from different and varied sources, from many teachers and gurus.” He then mentioned twenty-four of them to the inquiring and inquisitive king, including Earth, Fire, Water, Air, the Wind, the Sky, the Moon, the Sun, the Sea... and spoke of the wisdom he had learned from each one of them.”

Randolph: “Het zijn precies deze teachings die via mijn leermeesters op mij zij overgedragen en ik momenteel ook aan jullie doorgeef via ‘the transmission of Heart & Space’.

Aanwezige: “Hoe krijgt een Avadhuta dan zijn teachings van de aarde, de zon, de maan, de sterren, het vuur, het water, de rivier…? Het is toch geen kwestie van simpelweg naar de maan staren of zo?”

Randolph: “Avadhuta-teachings zijn ‘versmelting-teachings. Het klinkt voor een buitenstaander misschien een beetje raar, maar je krijgt de teachings van de zon, de maan, de rivier door met hen samen te vallen. Je wordt hen door met hen te versmelten…. Mijn Meester Cheng II boekje bestaat met name uit Avadhuta-teachings.”

Meester Cheng: “Lachen, glimlachen, schaterlachen… Bij het vallen van de avond trof ik de Oude Cheng aan op het bankje bij de grote verscholen vijver, midden in het bos. Samen keken we hoe de zon vuurrood achter de bomen verdween. In de verte klonken vogelgeluiden. Het werd langzaam donker... In de heldere spiegel van het onbeweeglijke water zag ik een sliert wilde ganzen de vijver overvliegen, de rijzende maan tegemoet. Een blad liet los en viel in het water. Door de rimpeling werd ineens het wateroppervlak zichtbaar en met het verdwijnen van zijn gladheid, onthulden de beelden zich als illusoire reflecties.”

De volle Maan staat daar hoog aan de Hemel en wordt gereflecteerd in het water. Maar je hebt nog nooit werkelijk de volle Maan gezien: de Naakte Maan, het Oorspronkelijke Gezicht. Je hebt nog nooit voorbij de mind gekeken. Tot nu toe kon je nooit rechtstreeks en ongefilterd kijken. Je hebt altijd naar de reflectie van de maan in ‘jouw water’ gekeken, in jouw gedachten, in jouw gevoelens en sensaties. Tot nu toe heb je om waar te nemen, alleen maar het water gebruikt. Je hebt totaal over het hoofd gezien dat er een alternatief is. Dat is de reden waarom Oude Cheng zegt dat alles wat je kent maya is, pure illusie. Tot nu toe keek je naar de maan in het water, naar een reflectie en je dacht dat het de werkelijke Maan in de Hemel was…

~ Uit Meester Cheng, Vingerwijzingen voorbij de Zon en de Hemel. Deel II: Vrijheid voorbij verlichting.

Randolph: “Hoe leer je het beste iets, hoe maak je het beste kennis met iets? Door het te worden! Uiteindelijk krijg je de hoogste teaching van jeZelf, door er weer helemaal wakker mee samen te vallen. Het Zelf geeft je de uiteindelijke teachings… Een goed voorbeeld van hoe zo’n overdracht plaatsvindt, vind je in het boek ‘Inwijding’ van Elizabeth Haich…

Uit Inwijding, Elizabeth Haich - De palm:

Terwijl ik spreek, kijkt Ima mij glimlachend en met steeds grotere vreugde aan. “Je hebt je zeer goed geconcentreerd. Zeer goed. Je hebt ontdekt dat de concentratie niet en duurzame toestand kan zijn, maar alleen een overgang is tussen de geprojecteerde wereld en het Zijn. Als jij je gedachten op iets concentreert, kun je niet bij het denken blijven, want de concentratie voert je naar je Zelf terug en je wordt dat waarop je je concentreert. Uit het denken ontstaat door concentratie een zijnstoestand. Het denken houdt geheel en al op en de denker wordt met de gedachte identiek.

Iets denken, betekent een inhoud door het verstand, als in een spiegel, naar buiten projecteren, dus uit zich naar buiten stappen. En door concentratie trekt men het geprojecteerde weer terug - dat wat men gedacht heeft, het gedachte wordt weer identiek met de denker, met zichzelf. De twee factoren worden tot een volmaakte eenheid verenigd.

“Het geschapene gaat in de Schepper terug.”

‘Ga voort met oefenen; je zult dit proces steeds duidelijker beleven. Ik geef je een nieuwe oefening. Je zit zo graag onder deze palm. Concentreer je daarop’ - dan gaat hij heen.

Ik ga weer zitten en kijk naar de palm. Ik denk helemaal aan niets anders, alleen aan deze palmboom. Uren gaan voorbij; langzaam wordt het avond. Ik moet naar huis. Daarbuiten wacht Menu; we gaan naar huis.

De volgende morgen ben ik er weer, in de tempeltuin en na de gezamenlijke oefeningen ga ik weer onder de palm zitten, op deze boom geconcentreerd. Toen ik met deze oefening begon, stoorden vele, er niet bijbehorende gedachten me. Ineens viel mij in wat Menu mij de avond tevoren had verteld; ik merkte een vogel op, die op een van de palmtakken luidkeels zijn lied deed horen; een muskiet zoemde om me heen; toen viel me de brutale houding van de schatmeester Roo-Kha in en dat maakte me boos - maar ik joeg al die, niet tot de meditatie horende, gedachten, die in mijn hoofd ontstonden, weg en concentreerde me op de palm alleen. Nu gaat het al wat beter. De gedachten kunnen mij niet meer bereiken en echt storen. Tevoren was ik nog in de wereld der gedachten - tussen de gedachten.

De gedachten konden mij nog her- en derwaarts doen gaan.

Maar ik liet me niet meesleuren. Ik bleef pal waar ik was, bij de palm, en onmerkbaar langzaam gleed ik verder, steeds verder naar binnen, waar de gedachten me niet meer konden volgen en me niet meer konden storen. Hier en daar verschijnt nog een gedachte, die als een vermoeide ronddolende zwerver door mijn verstand sluipt. Nu kijk ik vanuit een besef van zekerheid naar deze enkele, vermoeide gedachte, maar ik bekommer me alleen om de palm ... ik denk aan de palm ... de palm vult langzaam mijn gehele wezen... Dagen, misschien wel weken, gaan voorbij - dat weet ik niet. Ik weet trouwens niets meer van de buitenwereld, want ik ben met mijn gehele aandacht uitsluitend op de palm geconcentreerd. En dan opeens heb ik dat merkwaardige gevoel, dat ik de boom niet van buitenaf, maar van binnenuit zie ... Weliswaar neem ik met mijn fysieke ogen de uiterlijke vorm van de palm waar, maar ik begin hoe langer hoe meer het innerlijke wezen, het belevendigende, scheppende beginsel van de palm te zien, te beleven, TE ZIJN!

En dan komt het moment, dat ik me er ineens van bewust ben, dat de palm niet buiten me staat - neen! -  hij staat helemaal niet buiten me - ik had alleen maar een verkeerde voorstelling – de palm is in mij en ik ben in hem, ik ben de palm zelf!

Hoe lang ik zo verzonken blijf, weet ik niet. Ik weet helemaal niet wat tijd betekent. Dat begrip tijd is ‘daar’ in die toestand, onbekend. Ik kan ook niet verklaren wat dit ‘daar’ is. Maar opeens haalt een kracht me langzaam in mijn persoonlijk bewustzijn terug en ik merk dat Ima voor me staat. Mijn ogen ontmoeten zijn zachte blik. Hij gaat naast me zitten op het malse gras en wacht geduldig tot ik weer tot mezelf kom; dan kijkt hij me vragend aan.

Ik tracht enige keren iets te zeggen - maar dat lukt niet meteen. Het spreken lijkt totaal overbodig.

Tenslotte ontwaakt mijn bedrijvigheid en mijn wil functioneert weer. Mijn strottenhoofdzenuwen brengen de stembanden in beweging en ik kan al wat geluid doen horen.

‘O `Ima’, zeg ik ernstig, zachtjes, en verrast mijn eigen stem te horen: ‘ik ben de palm geworden of, liever gezegd, ik heb ontdekt, dat de palm steeds ik was. Alleen was ik me daarvan niet bewust.’

Ima knikt met zijn mooie engelenkop en zegt, stralend van vreugde: ‘Je gaat enorm vooruit! Ik ben toch zo blij - zo blij. Je gaat sneller vooruit dan iemand anders in zo’n korte tijd. Als je alle voorbereidingsproeven net zo snel aflegt, zul je al heel gauw rijp zijn voor de inwijding!’

Blij kijken we elkaar aan en zwijgen. Als ik hem in de ogen kijk, voel ik nog sterker wat een zuiver mens Ima is en wat een geweldige kracht uit hem straalt. Waar hij zich bevindt, is de lucht reiner. Dan reikt hij me de hand en we staan samen op. Ik moet terug naar huis.”

Randolph: “Ik kreeg veel van dit soort Avadhuta-intensives toen ik voor mijn psychologiestudie bij Selvarajan Yesudian en Elizabeth Haich stage mocht lopen op hun Yoga-school in Zwitserland. Toentertijd noemde men dit ‘de scholing van lichaam, geest en ziel’. Ik heb inmiddels met jullie een groep mensen om mij heen verzameld die hier qua niveau aan toe zijn…”

Aanwezige: “Een prachtig stukje tekst uit ‘Inwijding’. Het enige waar ik mij zorgen over maak is de zin ‘Dagen, misschien wel weken, gaan voorbij - dat weet ik niet. Ik weet trouwens niets meer van de buitenwereld, want ik ben met mijn gehele aandacht uitsluitend op de palm geconcentreerd.’ Ik moet wel gewoon naar mijn werk en zo…?”

Randolph: “Maak je hier geen zorgen over. Mijn Avadhuta-teachings zijn geheel afgestemd op dit ‘moderne’ leven. Ik heb ook gewoon een gezin en vier kinderen. Wanneer je de wetmatigheden kent, kan het tegenwoordig allemaal makkelijker en directer… Als mensen vormen we een piramide. Omdat er een goede brede spirituele basis is gelegd door hen die ons zijn voorgegaan, kan alles veel soepeler verlopen. In deze doorgave sta ik op de schouders van mijn leermeesters… en jullie ook…”

Aanwezige: “Je spreekt over Avadhuta-teachings en net als Jezus over het Koninkrijk hier op aarde… Hoe zou je dit in moderne bewoording zeggen?”

Randolph: “In iedere cultuur en in iedere tijd hebben we daar andere aanduidingen voor. Tyanonoge, the land of the young, Shambala… Misschien spreekt jonge mensen ‘Pandora’ aan… In de film ‘Avatar’ maken we kennis met de ‘planeet’ Pandora… Pandora betekent ‘draagster van alle gaven, schenkster van alle gaven, albegaafdheid’… Deze film riep bij heel veel mensen iets uit de diepte van hun ziel en zaligheid op. Heel veel mensen kregen het na deze film moeilijk… hun huidige bestaan leek zo ver weg van wat er in potentie hier op aarde mogelijk is. Je kunt mijn Avadhuta-teachings net zo goed Pandora-teachings noemen… Ze leiden je de realisatie van het Schitterende en Transparante in… Alles wordt volledig inzichtelijk, totaal doorzichtelijk en magistraal transcendent…”

Randolph: “Wanneer je klaar bent voor het grote realisatie avontuur, zoek je een traditie en een gids die bekend is met de ongerepte toppen, de spelonken en de eeuwenoude wegen...”

(Wordt vervolgd)


Copyright 2018, Opensatsang, Satyasatsang.nl, Satsang.earth, Randolph, Avadhuta-blog, ©

Avadhuta teachings (1)
Himalaya 1.jpg

Sandharana & Sandhyana...

Aanwezige: “Je noemt je teaching soms ook wel Avadhuta-teachings… Wat bedoel je daarmee?”

Randolph: “Wat is een Avadhuta? In het Engels zeggen we dit heel mooi: ‘The one who roams freely over the face of the earth’. The one who has cast off everything, even casting off.’ Het woord ‘Avadhuta’ bestaat uit de woorden ‘Ava’ en ‘dhuta’. ‘Ava’ betekent o.a., ‘af’, ‘neer’, ‘weg’. ‘Dhuta’ betekent o.a. afschudden, afleggen, achter laten... Een Avadhuta heeft de innerlijke marktplaats verlaten. Een Avadhuta pikt zijn leerlingen op, waar de maatschappij over gaat in de natuur. Aan de rand van ‘de marktplaatsen der mensheid’ en op de rand van de beschaving, verzameld hij zijn leerlingen om vervolgens de innerlijke Himalaya in te trekken.”

Aanwezige: “Wat bedoel je precies met ‘innerlijke’ marktplaats en ‘innerlijke’ Himalaya?”

Randolph: “Je kunt ‘uiterlijk’ midden in het leven staan en tegelijkertijd ‘innerlijk’ niet meer tot de maatschappij of zelfs niet meer tot ‘de wereld’ behoren. Wat de meeste mensen niet weten is dat de beide tradities waaruit ik voortkom, niet alleen Jnani-tradities zijn maar ook Avadhuta-tradities zijn. Zowel de lineage van Ramana Maharshi en Selvarajan Yesudian als die van Nisargadatta Maharaj en Alexander Smit. Al mijn leermeesters hadden hun Jnani- en Avadhuta-fase. In de Navnath-Sampradaya (de lineage van Nisargadatta Maharaj en Alexander Smit) bezochten de leermeesters in hun jnani-hoedanigheid hun leerlingen in hun huishoudens. Je werd geacht om midden in het leven te staan met alle uitdagingen van dien. Om deze reden wordt deze lineage ook wel aangeduid met ‘de huishoudtraditie’. Maar in hun meest subtiele hoedanigheid waren zij Avadhuta’s en Jivanmukta, hoewel dat voor de buitenwacht dus totaal niet ervaarbaar hoeft te zijn. Met een jaar of vijftig is (of was) het in India en in de Himalaya gebruikelijk dat je je zaakjes in orde had en dat je for the greater good of mankind definitief voor Zelfrealisatie gaat.”

Aanwezige: “Wat bedoel je precies met ‘for the greater good of mankind’?”

Randolph: “Zelfrealisatie is de bekroning van je menszijn. Je zoekt Zelfrealisatie om anderen te helpen door je eigen verwarring te elimineren. Je verlost het bestaan van je eigen illusoire identiteit en vanzelf verhuist je zwaartepunt naar universeel bewustzijn. Je kunt ook zeggen: je verlost het bestaan van ‘jezelf’. Je wordt alles en iedereen en daarmee dien je het geheel. Al je handelingen zijn als universeel bewustzijn helend. Het is eigenlijk heel eigenaardig dat wij hier in het westen Zelfrealisatie zoeken voor ‘onszelf’. In het Oosten moet men hierom lachen. Men denkt: ‘Die westerlingen zijn flink in de war: Zelfrealisatie voor ‘jezelf’?’ Toen bijvoorbeeld Nisargadatta Maharaj, na de dood van zijn guru Siddharameshwar de neiging had om de uiterlijke Himalaya in te trekken, kwam hij een medeleerling tegen die hem mededeelde dat dit toch echt niet de bedoeling was. Ook al is het ‘uiterlijk’ niet waarneembaar, in essentie zijn al mijn leermeesters (inclusief de spreker) Avadhuta’s. Zelfs Jezus van Nazareth was een Avadhuta toen de Geest hem ‘de woestijn’ van het Eerste Gegeven in dreef en hij ‘te midden van wilde dieren leefde terwijl engelen voor hem zorgden’. Ook de Boeddha zocht in zijn omzwervingen de extremiteiten op voordat hij ‘the Middle Way’ vond, ‘the thin line between all opposites’.

Aanwezige: “The middle way?”

Randolph: “Ja, vaak wordt ‘the Middle Way’ niet verstaan. Het betekent niet concessies doen, noch ‘water bij de wijn doen’ en ook niet ‘de grijze zone in gaan’. Het betekent in eerste instantie ‘living on the edge’ en ‘knopen doorhakken’…”

Aanwezige: “Is dit dan toch niet een levens-uitsluitende toestand?”

Randolph: “Precies andersom, het is een totaal leven toelatende en leven-omarmende toestand. Je wordt zo levend dat je uit je voegen barst. We noemen het ook wel het Directe Pad. De Avadhuta krijgt zijn teachings direct van de kosmos. Ik help mijn leerlingen hier in het begin een handje mee. Ik fungeer voor hen als een kanalisator. Je zou een Avadhuta een kosmische draler kunnen noemen. De hele kosmos is zijn speelterrein. De Avadhuta laat zich leiden door de levenskracht.”

Aanwezige: “Ik ken een mooi citaat van Maharaj erover…”

Nisargadatta Maharaj: “De kern van mijn onderricht is als volgt. Wees niet oneerlijk ten aanzien van je levenskracht. Wees alleen daaraan toegewijd. Voel je daarin thuis. Accepteer haar als jezelf. En als je op die manier toegewijd bent, kan dat je ergens naartoe leiden, naar alle hoogten. Dit is de zuiverste essentie van mijn woorden. Identificeer je nu met de levenskracht. Je zal je dan realiseren dat het besef ‘ik ben’, dat net als het zoetige in suikerriet deel uitmaakt van de levenskracht, zich voor je zal openstellen. Versta deze woorden, begrijp dit advies. Laat het binnen en houd je daaraan zolang er adem door je heen stroomt. Als er levenskracht is, ben jij er en dus ook Ishvara (God). Zo simpel is deze diepzinnige kennis nimmer verklaard…”

Aanwezige: “Wat doet een Avadhuta dan precies met de levenskracht?”

Randolph: “Hij verkeert en baadt waar de elementen zich op de grens van Zijn en Niet-zijn in alle stilte en in alle heftigheid tegen elkander verwerken. Het Gewaarzijn verkeert bij de meeste mensen nog in een slapende toestand, het is in potentie aanwezig, maar is nog niet wakker geroepen en aangewakkerd. Op een bepaalde manier zou je kunnen zeggen dat een Avadhuta zich ‘voedt’ met subtiele levenskracht (drink Mij) om het tot een kosmische explosie te laten aankomen. De levenskracht verzameld zich in hem om de sprong te kunnen wagen. Je hebt niet alleen moed en levenswijsheid (Jnana) voor Zelfrealisatie nodig, maar ook (sprong)kracht. De Bevrijding is niet voor de persoonlijkheid, maar van de persoonlijkheid. Wanneer iets dat bijvoorbeeld om de aarde draait, zich los wil maken, dan heb je daar energie voor nodig. Hetzelfde kun je ook zeggen omtrent het los raken van de trekkracht van het massa-bewustzijn en de persoonlijkheidssfeer. Iets anders dan een illusoire persoonlijkheid moet tot de kosmische sprong komen. Iets anders dan een illusoir ‘ik’ zal kracht en energie moeten verzamelen. Wanneer je dit met een illusoire identiteit doet, ondermijn je enkel Zelfrealisatie. Je werkt het juist tegen. Ik leer jullie op de juiste wijze de levenskracht te volgen om energie en wakkerheid te verzamelen voor de Grote Sprong. Selvarajan Yesudian zat graag op kerkhoven. Ramana Maharshi draalde graag rond zijn berg Arunachala. Voor hem was Arunachala Shiva, the destroyer of universes’, de losmaker van krachten die je binden. De Avadhuta zoek het terrein van alles en niets op. Nogmaals, ‘he lives on the edge’. Ik verkeer met mijn jullie graag onder de sterren op bergtoppen en zit graag met jullie tijdens zonsondergangen in de branding van oceanen. De zonsopgang en zonsondergang duid ik aan met Sandhya. Wij noem het zitten in en het aanschouwen van de zonsopgangen en zonsondergangen Sandhyana. Sandhya betekent ‘er tussen in’. Tussen dag en nacht en tussen nacht en dag. Tussen het menselijke en het Goddelijke. Je kunt ook zeggen ‘verkeren tussen hemel en aarde. Wist je dat Arunachala o.a. onbeweeglijk morgenrood betekent?

Ramana Maharshi: “O oeverloze oceaan van Genade en Licht, berg Morgenrood (Aruna), onbeweeglijk (achala) dansend in de binnenhof van het Hart! Daar is geen droom meer van dualiteit, geen innerlijk of uiterlijk, goed of fout, leven of dood, genot of pijn, licht of donker.”

Randolph: “Een Avadhuta draalt innerlijk (en soms uiterlijk) lyrisch rond op deze aarde en verkeert in Sandhya. Hij verkeert in de toestand van ‘Gods geest zwierf over de oerwateren’. Hij is wel op de aarde, maar niet van de aarde.”

Aanwezige: “Oh, vandaar dat je met je ons vooral naar eilanden als Ibiza, Mallorca en Schiermonnikoog meeneemt…”

Randolph: “Ja, ik laat jullie via Darshan en Satsang in Sandhya zitten… Ik laat jullie op het scherp van de snede zitten in waar het precies om draait…

Randolph: “Wanneer je klaar bent voor het grote realisatie avontuur, zoek je een traditie en een gids die bekend is met de ongerepte toppen, de spelonken en de eeuwenoude wegen...”

(Wordt vervolgd)


Copyright 2018, Opensatsang, Satyasatsang.nl, Satsang.earth, Randolph, Avadhuta-blog, ©

Living on the edge

We zijn weer terug uit Ibiza... Ik heb het het heerlijk gehad... Wat had ik jullie beloofd?

Je lichamen, je lichtende sluiers, wakker in het schitterende plaatsen. We gebruiken de schitterende lichtende omgeving om alles aan te wakkeren, op te lichten en uit te doven. ’s Ochtends gebruiken we de opkomende regenboog van Sandhyansa, overdag gebruiken we aanwakkerende lichtende kracht van het Schitterende, ’s avonds gebruiken we de ondergaande regenboog van Sandhya en ’s nachts gebruiken we de absorberende samadhi kracht van de donkerte...

Heb ik mijn belofte waar gemaakt?


Wat mij betreft wel, ieder jaar worden de teachings intenser... Ik zal de komende dagen wat filmpjes op deze website plaatsen...

And up to the next event... Living on the edge in Schiermonnikoog!

I see you,
Randolph

Welkom in Satsang met Randolph
 
 

Een introductie in satsang met Randolph

Ahhh… hier ben je dan…
Welkom in satsang en op dit blog! Eindelijk ontmoeten wij elkaar weer in dit eindeloze krachtenveld van het bestaan. Als een pareltje in het net van Indra ben je op wonderbaarlijke wijze weer verschenen…

Laten we opnieuw even kort kennis met elkaar maken...

Waar ben je dit keer naar op zoek? Wat heb je deze keer meegemaakt, Wat is je dit keer overkomen? Waar ben je in dit leven misschien in vastgelopen?

Wat zijn momenteel je levensvragen, wat is nu je levensthema? Wat heb je hier op aarde en in dit tijdsbestek gekozen om te exploreren?

 
 Net van Indra

Net van Indra

 

Randolph: “Wanneer je klaar bent voor het grote realisatie avontuur, zoek je een traditie en een gids die bekend is met de ongerepte toppen, de spelonken en de eeuwenoude wegen...”

© Opensatsang, Satyasatsang.nl, Satsang.earth, Randolph, Avadhuta-blog

Randolph Avadhuta