Avadhuta-teachings (5)

Satsang Himalaya.jpg

Shine on you crazy diamond...

Aanwezige: “Je hebt het vaak over verkeren op de rand en over balanceren op het scherp van de snede… Je hebt wel eens gezegd dat een Jnani zijn leerlingen oppikt aan de rand van de maatschappij en de ‘spirituele marktplaats’ en dat de Avadhuta zich richt op degene die de spirituele marktplaats’ al hebben verlaten en reeds in ‘het voorgebergte’ zijn getrokken… Kun je hier iets meer over uitweiden?”

Randolph: “Oké, ik geef je het hele spectrum van mijn traditie wel even weer… De Jnani met zijn teachings leidt je door het landschap van ‘de twilight’. De jnani pikt je op aan de rand van de marktplaats en laat je de spirituele valkuilen zien. Hij leidt je door de grijze nevels, mistbanken en donkere wolken. Hij loodst je langs de spirituele valkuilen en hij laat het primaire licht (van Gewaarzijn) centraal staan, je ont-dekt Alaya (het Stille centrum van de cycloon) en stabiliseert erin… Wanneer de teachings van de Jnani echt aankomen, verkeer je in ‘het niemandsland’. Je hebt de afwezigheid van ‘ik’, van iemand, gerealiseerd. Na de Jnani neemt de Avadhuta het over…

De Avadhuta met zijn teachings leidt je door het ‘niemandsland’ naar het landschap van het Schitterende… Omdat je de illusie van een ‘identiteit’ en ‘entiteit’ hebt afgelegd, is je zwaartepunt wis en waarachtig naar Ruimtelijkheid verhuisd. Na deze zwaartepuntverhuizing vervolg je je reis enkel nog als ‘gekleurde’ ruimtelijkheid. Je bent een ruimtelijk Wezen. Als ruimtelijk Wezen trek je samen met de Avadhuta het middengebergte door en legt je kleuringen af. De laatste ruimtelijke kleuringen vatten wij samen met de hogere mayakosha’s (illusoire versluiering). Na Jnanamayakosha en Anandamayakosha, verschuift je zwaartepunt naar het naakte en pure Shivamayakosha (puur Zijn, naakt Gewaarzijn, ongekleurde ‘Ik-ben’-heid).”

“De volle Maan staat daar hoog aan de Hemel en wordt gereflecteerd in het water. Maar je hebt nog nooit werkelijk de volle Maan gezien: de Naakte Maan, het Oorspronkelijke Gezicht. Je hebt nog nooit voorbij de mind gekeken. Tot nu toe kon je nooit rechtstreeks en ongefilterd kijken. Je hebt altijd naar de reflectie van de maan in ‘jouw water’ gekeken, in jouw gedachten, in jouw gevoelens en sensaties. Tot nu toe heb je om waar te nemen, alleen maar het water gebruikt. Je hebt totaal over het hoofd gezien dat er een alternatief is. Dat is de reden waarom Oude Cheng zegt dat alles wat je kent maya is, pure illusie. Tot nu toe keek je naar de maan in het water, naar een reflectie en je dacht dat het de werkelijke Maan in de Hemel was…”

~ Uit Meester Cheng, Vingerwijzingen voorbij de Zon en de Hemel. Deel II: Vrijheid voorbij verlichting.

Randolph: “De Avadhuta leidt je door de laatste witte wolken heen. Every cloud has a silver lining…  Hij laat je boven het zilveren wolkendek zien hoe de straalblauwe hemel met het Schitterende samenvalt. Jnana-Alaya… gaat hier over in Hima-laya. Dit is een mijlpaal in je realisatie-tocht. Hier ont-dekt je meer en meer de openbaring van de Schitterende Hima-laya

Nisargadatta Maharaj: “Nisargadatta Maharaj: “Wanneer je je niet meer identificeert met lichaam-denken-voelen, ben je het gemanifesteerde beginsel, de Zijnstoestand. Je bent dan geen persoonlijkheid meer, maar uitsluitend bewustzijn. Wanneer je in die staat van bewustzijn bent, ben je in een positie om de gedachtestroom te observeren; je observeert alle gedachten die zich aandienen - jij staat buiten die gedachten. Je identificeert je er niet mee. En omdat je het lichaam en zijn handelingen observeert, maak jij daar geen deel van uit; je staat los van het lichaam. Dan ben je in bewustzijn: dat is het eerste stadium.

Wanneer je uitsluitend bewustzijn bent, ben je het hele gemanifesteerde bestaan. Dát moet gerealiseerd worden. Dan, ervan uitgaande dat je bent, is alles er: je wereld en je God. Jij bent de eerste oorzaak, de eerste vereiste voor al het andere dat bestaat, of het nu je God of je wereld betreft. Jij verwijlt in bewustzijn. In je aandacht zou alleen bewustzijn moeten zijn. Dat is meditatie.

Verblijf in ‘ik ben’ en de bron van alle kennis welt in je op en openbaart het mysterie van het heelal. Tijdens dat openbaringsproces zal je individuele persoonlijkheid, die beperkt is tot je lichaam, zich verruimen tot het gemanifesteerde universum. Je zult je realiseren dat jij het universum met jouw ‘lichaam’ doordringt en omarmt. Dat staat bekend als ‘Zuivere Hoogste Kennis’.

Ondanks alles weigert de geest, zelfs in de schitterende zuivere staat, te geloven dat hij geen entiteit is.

Nu de volgende stap. Ben je in een positie om bewustzijn te observeren? Dat is ook de laatste stap. Wanneer je in een positie bent om bewustzijn te observeren of er getuige van te zijn - en uiteraard ook van de levenskracht (de adem), het lichaam en zijn handelingen - dan sta je, dankzij die observatie, buiten dat bewustzijn.

Nu komen we tot een zeer subtiel punt. Wat is er in jou dat die kennis dat 'je bent' - of van jouw standpunt bekeken ‘ik ben’ - begrijpt, zonder dat er een naam, een benoeming of een woord bij hoort? Nestel je in dat meest innerlijke centrum en neem de kennis ‘ik ben’ waar en ‘wees alleen maar’. Dat is de ‘gelukzaligheid van zijn’… Die staat is van een extatische schoonheid – het lagere zelf ontspant zich gelukzalig in het hogere Zelf. Die extase gaat alle woorden te boven. Het is ook Gewaarzijn in volledige rust.”

Vraagsteller aan Maharaj: “Mijn geest is rustig, maar aandachtig. Ik kijk naar dit ‘ik ben’.”

Maharaj: “Je bent tot het stadium van ‘ik ben’ gekomen, maar je moet je bestemming nog bereiken. Dat kan alleen wanneer aandacht in aandacht opgaat. Als ze zichzelf had verzwolgen, zou je hier niet zijn gekomen.”

Vraagsteller aan Maharaj: “O, ik begrijp nu dat ik mijn aandacht had moeten ‘uitkauwen’.”

Maharaj: “Ja. Je bent vastgelopen in het stadium van aandacht. Aandacht moet helemaal verteerd worden. Je spreekt nu vanuit de kennis ‘ik ben’, die tijdgebonden en tijdelijk is.”

Randolph: “De Jivanmukta met zijn teachings leidt je van het zilverblauwe naar het diepblauwe landschap van het hooggebergte. Je verlaat het middelgebergte en trekt via het gebied van de vasana’s door ‘je ziel en zaligheid’. Je menselijke blik verandert in ‘een hemelse blik’. De mate waarin iemand is gecentreerd en gestabiliseerd in de Beingness, bepaald hoe diep iemand in zichzelf schouwt. Hier gaat satsang van nature over in darshan. Meer en meer kijk je door de ‘Ik-ben’-heid de oneindigheid in. Vervolgens word je via de kosmische samadhische diepblauwe donkerte heen tot in het zwart geleid. Via darshan neemt je schittering alsmaar toe. Met je stralende ogen doorgrond je de illusie van de ‘Ik-ben’-heid en kijkt rechtstreeks de eindeloosheid in waar de explosie van het Oneindig en ononderbroken Stralende heerst. Een mooie beschrijving van het Schitterende en haar uitwerking wordt in het volgende stuk tekst uit het boek ‘De weg der witte wolken’ beschreven:

“En toen geschiedde het grote wonder -  een wonder dat zich keer op keer herhaalde en mij iedere keer opnieuw in verrukking bracht als ik Tibet doorkruiste: op het hoogste punt van de pas losten de wolken, die in enorme massa’s donker en dreigend de bergwanden bestormden, zich als door magie in het niets op, de poorten van de hemel openden zich en er ontrolde zich een wereld van schitterende kleuren onder een diepblauwe hemel voor onze ogen, terwijl een felle zon de sneeuwbedekte hellingen aan de overzijde van de pas zo sterk in lichterlaaie zette, dat je er haast door werd verblind.
Na de door wolken en mist verhulde panorama’s van Sikkim waren wij haast niet meer in staat zoveel licht en kleur in ons op te nemen. Zelfs de diepe kleuren in de schaduw schenen licht uit te stralen en de eenzame witte zomerwolken, die sereen in de fluweelzachte donkerblauwe hemel dreven tussen de verafliggende purper geverfde bergketens, verhoogden en versterkten alleen maar de indruk van de immense diepte van de hemel en de intensiteit van de kleuren. Toen, op dat ogenblik waarop ik voor de eerste maal een blik sloeg op het geheiligde landschap van Tibet, wist ik dat ik van nu af aan de Weg van de Witte Wolken die in dit betoverende land van mijn Goeroe leidde, zou volgen, om meer van de wijsheid van Tibet te leren en in de onnoembare vrede en schoonheid van haar natuur inspiratie te vinden. Ik wist dat ik van nu af aan steeds opnieuw door dit schitterende land zou worden aangetrokken en ik mijn leven zou wijden aan de exploratie ervan…
Zoals al menig pelgrim voor mij, wandelde ik plechtig rondom de feestelijk met gebedsvlaggen versierde steenhoop (lhatse) die het hoogste punt van de pas en de Tibetaanse grens markeerde en voegde er een steen aan toe onder het reciteren van de mantra van de Goeroe, als een teken van dankbaarheid dat ik veilig hierheen was geleid. Maar ook als een belofte, dat ik het pad voortaan zou blijven volgen dat ik nu had gekozen en als een zegen voor alle pelgrims en reizigers die na mij dit punt zouden passeren. En toen welden in mijn geest de woorden van een Chinese stanza op, die aan Maitreya, de toekomstige Boeddha, worden toegeschreven toen hij als een zwervende monnik over de wereld zwierf: ‘Eenzaam trek ik duizend mijlen… en vraag mijn weg aan de witte wolken’. De gehele dalende weg naar de Choembi Vallei was ik vol van geluk. Al spoedig maakte de sneeuw plaats voor bloemtapijten en de door stormen gebeukte en armzalige dennen werden opgevolgd door schitterende naaldwouden vol vogels en vlinders die fladderend hun weg zochten in de zonnige heldere atmosfeer. De lucht voelde zo onaards ijl en vrolijk aan, dat ik nauwelijks mijn vreugde voor mij kon houden, hoewel ik mij ervan bewust was dat ik spoedig terug zou moeten keren naar de sombere schaduw-wereld aan de andere zijde van de pas en weer zou moeten afdalen door de stomende tropische jungles. Maar ik was er zeker van dat ik vroeg of laat weer in staat zou zijn om de weg van de witte wolken tot voorbij mijn huidige horizon te volgen, waarop de witte piramide van de heilige berg, de Chomolhari, de troon van de godin Dorjé Phagmo, mij uitnodigend scheen te wenken. En, door omstandigheden van de onwaarschijnlijkste soort, - die ik, nu ik erop terug kijk, alleen maar kan verstaan als het effect van een geleidende kracht, zowel in mijn innerlijk als in die mensen die een rol speelden bij het opruimen van de op mijn weg liggende hindernissen - bevond ik mij al spoedig inderdaad weer op het karavaanpad dat naar de onbekende streken achter de Himalaya’s voerde.”


~ uit het boek ‘De weg der witte wolken’.

Aanwezige: “Kun je wat je net beschreven hebt, ook nog anders zeggen?”

Randolph: “Ja, in de Advaita Vedanta spreken we graag in termen van ‘identiteit’. In plaats van ‘de spirituele marktplaats’, ‘het voorgebergte’, ‘middengebergte’ en ‘hooggebergte’, kun je ook spreken van type leerlingen. Met name Osho en Alexander Smit hanteren de indeling in type leerlingen. In ‘het Directe Pad’ geeft Alexander hier een hele goede omschrijving van…

Alexander Smit: “Bij het zoeken naar zelfrealisatie is er binnen de klassieke traditie altijd sprake van drie stadia van ontwikkeling. Het eerste stadium wordt kutuhal genoemd, het tweede stadium jigyasa en het derde stadium mumuksha. Grofweg gesproken deelt de leermeester elke leerling intuïtief in een van die drie stadia in. Het eerste type leerling is de kutuhal. Je zou dit type kunnen omschrijven als iemand met interesse. Hij is nieuwsgierig, maar zijn interesse is oppervlakkig en vooral zonder richting. Te vergelijken met een kind dat dan weer in dit, dan weer in dat geïnteresseerd is... Dit type is nieuwsgierig, wil best overal wat van weten, maar niets echt doen. Zodra er iets consistents wordt verwacht, of zelfs maar op weg naar iets anders. Ten slotte loopt het allemaal op niets uit. Ze bereiken niets. De meeste zoekers zijn in het begin in dit stadium.

Randolph: “Dit type is het type dat in satsang van de zijlijn zit te kijken. Ze surfen ook meestal van de ene leermeester naar de andere en kijken alsmaar naar die satsang filmpjes op Youtube. Het zijn de satsang-toeristen en satsang-shoppers van deze New Age tijd..”

Alexander Smit: “Het tweede type wordt jigyasa genoemd. Dat is het type dat verzamelt. Dit type leerling is veel serieuzer dan het eerste type, maar heeft een heel andere dynamiek. Zijn dynamiek is verzamelen, zoveel mogelijk verzamelen. Hij koopt alle boeken die er maar te vinden zijn, beluister alle cassettes, ziet alle video’s die beschikbaar zijn op de spirituele markt en heeft een abonnement op alle spirituele bladen en pluist ze uit tot hij alles op een rijtje heeft. Zijn zwaartepunt ligt in onderzoeken en verzamelen. Hij bereidt zich voor en goed ook. Hij komt beslagen ten ijs, het is een genoegen zo iemand op bezoek te krijgen en hij maakt een zeer verstandige indruk. Maar er is een probleem. Dit type bereikt uiteindelijk ook niets, want hij komt niet toe aan dat waar het werkelijk om gaat. Ook hij gaat precies op het moment dat er iets consistents van hem verwacht wordt aan de wandel. Meestal heeft hij een hekel aan groepen en wil vooral nergens bij horen, hoewel het zijn diepste verlangen is ergens helemaal bij te horen. Als hem gevraagd wordt zich helemaal in te zetten, gaat hij het bestuderen en zich voorbereiden, maar hij komt nooit werkelijk tot iets. Meditatie blijft iets onbekends voor hem. Hij ‘weet’ wellicht alles over meditatie, maar zelf mediteert hij niet. Hij maakt altijd plannen eraan te beginnen. Over het algemeen neemt dit type de benen wanneer hij op iets stuit dat niet overeenstemt met wat hij bestudeerd of gelezen heeft. Hij zit gevangen in zijn eigen ideeën en zijn gevangenis is best uit te houden. Er gaat zelfs een zekere behaaglijkheid van uit. Want veel weten over iets geeft een bepaald gevoel van zekerheid. Uiteindelijk schrijft dit type zoeker een of misschien wel tien boeken en zijn hoogste doel is een encyclopedie waarin alles staat, maar waar natuurlijk niets wezenlijks in te vinden is. Het staat op papier en het blijft op papier. Het behoort tot het domein van de boekenkast. De enige mensen die enig nut hebben van dit type leerling zijn de boekwinkel en de papierhandel.

Dan is er het derde type en dat type wordt mumuksha genoemd. Het woord mumuksha is moeilijk uit te leggen. Uiteindelijk betekent het ‘iemand die ernaar verlangt zonder verlangens te zijn’. Dit is iemand die bevrijding wil, maar dan wel de bevrijding in de ware betekenis van het woord. Voor hem is onderzoek niet langer genoeg. Eigenlijk verveelt het hem. Verzamelen heeft alle charme verloren. Vraag hem een boek te leen en tot je verrassing zal hij zeggen: “Neem maar mee. Je mag het hebben. Ik heb er niets meer aan. Weet je wat, neem alles maar mee, misschien heb jij er wat aan; voor mij hebben boeken hun charme en hun waarde verloren. Het zijn alleen nog maar letters en woorden.” Dit type is gevoelig voor een leermeester, omdat een leermeester niet is terug te voeren tot woorden en boeken. De leermeester is een directe ervaring en dat is precies wat deze leerling zoekt. Hij heeft grote mogelijkheden, maar ook hier liggen weer allerlei complicaties en ingewikkeldheden op de loer. In de klassieke traditie wordt dit laatste type onderverdeeld in drie stadia. Het is een klassieke onderverdeling die door alle belangrijke goeroes en leermeesters gehanteerd werd.

Het eerste stadium wordt mridu genoemd. Het bestaat eruit dat je een belangrijk deel van je wezen inzet om je doel, zelfrealisatie te bereiken. Naast werk, hobby’s en gezin ben je met spiritualiteit in de weer om bevrijding te bereiken. Je zult op die manier zeker iets bereiken, maar het resultaat heeft eerder een afbrekende, negatieve waarde, omdat hetgeen je bereikt noch positief noch negatief is. Het lijkt op balans en harmonie, maar het heeft meer weg van een zombietoestand. Je bent niet gespannen, maar ook niet ontspannen; niet levendig, maar ook niet sloom; niet ziek en niet gezond; niet gefrustreerd, maar ook niet vervuld. Het is afbrekend, want je staat er eigenlijk slechter voor dan voorheen. Vroeger sloeg je door naar één kant van de zaak en daardoor kon er nog iets gebeuren, maar nu functioneer je eigenlijk tussen twee dingen in. Je bent als een boom die niet gaat bloeien. Je hebt wel iets bereikt, daar bestaat geen twijfel over, maar wat je bereikt hebt, is in wezen levenloos. Het vervult je niet, je bent levend dood. Je bent niet agressief, maar ook niet liefdevol. Je wordt niet boos, want je kunt je nu goed beheersen, maar je bent ook niet in staat tot compassie; je zit gewoon vast. Je bent onbeweeglijk en star geworden. Als een steen. Je bent ‘stoned’ van spiritualiteit. Besef goed het verschil tussen onverschilligheid en verlichting. Verlichting is niet een eigenaardig soort onverschilligheid. Niets is meer moordend dan onverschilligheid. Omdat je een balans hebt gevonden en die in stand wilt houden, kun je geen van de twee kanten op. Toen je nog goed kwaad kon worden, was je eigenlijk eerlijker. Toen je nog echt kon voelen, was je in staat te vergeven, maar nu zit je tussen twee krachten in. Ze noemen dit het eerste stadium, omdat je slechts één derde van je wezen geeft. Je zet slechts één derde van je wezen in. De popzanger Paul Simon heeft ooit het lied geschreven I am a rock. In de tekst
wordt dit mridu-type heel precies beschreven: I am a rock/I am an island/And a rock feels no pain/And an island never cries. Dit eerste stadium wordt dus mridu genoemd; het betekent zacht, slap, soft. Ik noem het ook wel eens new age.

In het tweede stadium is er al veel meer inzet dan in het eerste stadium dat je hebt doorlopen en losgelaten. Hier zet je veel meer in, maar je bent nog niet totaal en integer. Dit stadium wordt madhya genoemd. Het betekent in het midden. In dit stadium ben je sereen en rustig. De mensen om je heen zullen het voelen en opmerken. Je trekt mensen aan, iedereen wil graag bij je zijn. Je bent als een magneet. Dit is het stadium waarin mensen cursussen gaan geven en gaan schrijven, andere mensen gaan helpen en onderrichten en vaak heel succesvol. Wat ze vorige maand zelf geleerd en ervaren hebben, wordt direct doorgegeven aan de leerlingen. Maar onderricht geven en delen en stil en sereen zijn, is niet genoeg. Misschien is het genoeg voor de mensen om je heen, maar voor jezelf is het niet voldoende; het is zelfs ruime onvoldoende, want het madhya-type is niet vervuld. Niet echt. Bovendien ontstaat er een soort stijfheid, het stroomt niet echt. Het is te vergelijken met stilstaand water. Dans, muziek, de profane wereld, kindergelach - het is allemaal niet welkom, want eigenlijk is het te lawaaierig, het kan de vrede verstoren. Kortom, het is gewoon niet totaal. Je bent wel vervullend voor je omgeving, maar zelf ben je niet vervuld. Het is eigenlijk heel sneu, want nu sta je op een nieuw kruispunt, namelijk op het kruispunt van totaal eerlijk en oprecht zijn, of niet. Wanneer je nu blijft vastzitten in leugens en zelfbedrog ben je levend dood. Er liggen twee wegen voor je open: totaal zijn en jezelf werkelijk onder ogen zien, of overgave aan werkelijkheid. Beide zullen effectief zijn en schoonheid, kracht en liefde opleveren. Onthoud dat wanneer je totaal bent, je tegelijkertijd echt, krachtig, liefdevol en vol schoonheid bent. Schoonheid, kracht en liefde zijn kwaliteiten die ontstaan wanneer je totaal bent. Als je niets meer achterhoudt, ontstaan schoonheid, kracht en liefde. Niets meer achterhouden is totaliteit.

Het derde en laatste stadium wordt adhimatrka genoemd. In dit stadium gaat het om de totale inzet. Het is nu totaal zijn of overgave. In de totale inzet verdwijn je en ben je onmiddellijk schoonheid, kracht en liefde. Begrijp goed dat die totaliteit of die overgave niet gecultiveerd kan worden. Het is alles of niets. In de twee voorafgaande fasen kon je nog cultiveren en werken aan jezelf en vooruitgang boeken, maar nu is het alles of niets. Iedere zoeker komt op dat kruispunt terecht van totaal zijn, of overgave. Ieder mens zal voor zichzelf dit kruispunt moeten oversteken.”

                                                                         - uit het Directe Pad, Alexander Smit

Randolph: “De Avadhuta-teachings van mij traditie zijn met name voor mensen in dit laatste adhimatrka-stadium. Adhi… eerste, matrika… moedergeluid, voortbrenging en ontvankelijkheid. Adhimatrka of Adhimatrika is het type leerling dat ontvankelijk is voor het Eerste gegeven. In de yoga van het Licht zijn dit de Eerste gegeven-teachings, de adhi-teachings. Wat is het Eerste Gegeven ook al weer? Het Eerste Gegeven is ‘ik-ben’. Dit zijn de ‘ik-ben’-heid-teachings die het bestaan aan zichzelf geeft. Vandaar ook de naam adhimatrika… eerste… openbaringen, baarmoederlijke openstelling, Goddelijke overdracht…"

Aanwezige: “Verleden week speelde je in de satsang (de dag dat je leermeester Alexander Smit twintig jaar geleden dit bestaan verliet) het liedje ‘the water is wide’ waarbij hij zichzelf begeleidde met zijn gitaar… Ik vond het prachtig en vooral ook de tekst. De tekst was een goede samenvatting van je vorige Avadhuta (4) blogbericht over onze Avadhuta-traditie… Dat zou je ook ‘the river is wide’ kunnen noemen… Wil je het nog eens afspelen… ik heb hier de tekst…”

“The water is wide, I can’t cross over,
and neither have I wings to fly.
Build me a boat, that can carry two,
and both shall row, my love and I.
There is a ship, and she sails the sea,
she’s loaded deep, as deep can be.
But not so deep, as the love I’m in,
I know not how I sink or swim.
Oh love is handsome, and love is fine,
the sweetest flower, when first it’s new.
But love grows old, and waxes cold,
and fades away like Summer dew.
Build me a boat, that can carry two,
and both shall row, my love and I,
And both shall row, my love and I…”

                                                                               ~ Songwriter: James Taylor

Randolph: “Ja prachtig hé. Met name ‘Build me a boat, that can carry two,
and both shall row, my love and I.’
Dit is precies wat ik in dit leven met mijn satsangs en transmissie-boeken doe. Een boot bouwen, waarmee iedereen de oversteek kan maken. Niemand wordt in de steek gelaten. In India zeggen we:
 ‘We’re all just helping each other home...’. Ik vier met jullie onze goddelijke erfenis. Welkom in the transmission of Heart & Space!”

Aanwezige: “Hoe krijg ik dan deze adhimatrka-teachings?”

Randolph: “Grappig… Je zegt… ‘hoe krijg ik’… Je kunt deze hoogste teaching slechts ontvangen als je ‘uit het krijgen’ bent geëxpandeerd. Je bent dan met recht een ‘Krijger’. Een Krijger is geen bedelaar, hij viert zijn Goddelijke erfenis. De Bevrijding is niet ‘voor jezelf’, maar ‘van jezelf’. Wil Adhimatrika naar je toekomen, dan moet je een Adhimatrika zijn. Je krijgt van waaruit je vertrekt. Wil Adhimatrika naar je toekomen, dan moet je reeds in je oorspronkelijkheid (oerspronkelijkheid) verkeren. Je moet dan niet meer oneerlijk en dubbelzinnig zijn. In plaats van dat je nog opereert vanuit je maskerade (per sonare, persoonlijkheid) kijk je vanuit je oorspronkelijke gezicht. Compassievol is het geïnteresseerd om anderen te dienen en te helpen. De Bevrijding is for the greater good of mankind. ‘We’re all just helping each other home... Het oorspronkelijk gezicht is geen vragend gezicht, maar een schitterend en stralend gezicht. Het geeft licht. Het oorspronkelijke gezicht schittert en verlicht zijn eigen weg. Shine on baby, you crazy diamond.”

(Wordt vervolgd)

Randolph: “Wanneer je klaar bent voor het grote realisatie avontuur, zoek je een traditie en een gids die bekend is met de ongerepte toppen, de spelonken en de eeuwenoude wegen...”

Copyright 2018, Opensatsang, Satyasatsang.nl, Satsang.earth, Randolph, Avadhuta-blog, ©